Willem de Mérode

geboren: 2 september 1887 te Spijk
overleden: 22 mei 1939 te Eerbeek

pseudoniem(en)/naamsvariant(en):
Joost van Keppel
Willem Eduard Keuning

Biografie(ën) over Willem de Mérode

Jaarboek van de Maatschappij der Nederlandse Letterkunde 1901-2000, Jaarboek van de Maatschappij der Nederlandse Letterkunde, 1939 (1939)
K. ter Laan, Letterkundig woordenboek voor Noord en Zuid (1941)
G.J. van Bork en P.J. Verkruijsse, De Nederlandse en Vlaamse auteurs (1985)

Werken van Willem de Mérode

Gestalten en stemmingen (1915)
Aanroepingen (1917)
De overgave (alleen scans beschikbaar) (1919)
Het heilig licht (alleen scans beschikbaar) (1922)
Het kostbaar bloed (1922)
Kwatrijnen (1923)
Ganymedes (1924)
De rozenhof (1925)
De donkere bloei (alleen scans beschikbaar) (1926)
Claghen (1927)
De verloren zoon (alleen scans beschikbaar) (1928)
De lichtstreep (1929)
De steile tocht (alleen scans beschikbaar) (1930)
Laudate dominum (1931)
Langs den Heirweg (alleen scans beschikbaar) (1932)
Chineesche gedichten (1933)
De stille tuin (alleen scans beschikbaar) (1933)
Doodenboek (1934)
Kruissonnetten (1934)
Kringloop (alleen scans beschikbaar) (1936)
Ruischende bamboe (alleen scans beschikbaar) (1937)
De Levensgift (alleen scans beschikbaar) (1938)
Kaleidoscoop (alleen scans beschikbaar) (1938)
Hunkering en heimwee (alleen scans beschikbaar) (1939)

Uitgaven van Willem de Mérode

De wilde wingerd 1911/1936 (1936)
Gedichten (3 delen) (alleen scans beschikbaar) (1952-1953)
Gedichten (1963)

Primaire teksten van Willem de Mérode elders in de dbnl

Willem de Mérode en Hans Werkman, ‘Willem de Mérode 1887-1939’ In: 't Is vol van schatten hier... (1986)

Secundaire literatuur over Willem de Mérode in de dbnl

Herman van den Bergh, Ellen Forest, Ernst Groenevelt, H.E.H. van Loon en Rinke Tolman, ‘[Boekenschouw]’ In: Den Gulden Winckel. Jaargang 18 (1919)
Ida Haakman, Roel Houwink, Johan Koning, Hendrik Clemens Muller, Martin Permys en Johan Tersteeg, ‘[Boekenschouw]’ In: Den Gulden Winckel. Jaargang 22 (1923)
Roel Houwink, ‘Nieuwe lyriek’ In: Den Gulden Winckel. Jaargang 23 (1924)
Johan Theunisz, ‘Over een dichter en een houtsnijder’ In: Den Gulden Winckel. Jaargang 24 (1925)
Anton van Duinkerken, Gemeenschap. Jaargang 15 (1939)
J.D.P. Warners, ‘Hoofdstuk IIIHet Perzische kwatrijn’ In: Het vierregelig gedicht in de Nederlandse letterkunde sinds de Renaissance (1947)
Menno ter Braak, ‘Religieuze dichters’ In: Verzameld werk. Deel 6 (1950)
Menno ter Braak, ‘De poëtische schok’ In: Verzameld werk. Deel 6 (1950)
Paul van Ostaijen, ‘Hollandse dichters of de zichtbare wegen van de genitief’ In: Verzameld werk. Deel 4: proza (1952)
anoniem Mededelingen van de Documentatiedienst, ‘de Merode 1887-1939’ In: Mededelingen van de Documentatiedienst (1954-1992)
anoniem Mededelingen van de Documentatiedienst, ‘Keuning 1887-1939’ In: Mededelingen van de Documentatiedienst (1954-1992)
Martinus Nijhoff, ‘Willem de Mérode ‘De donkere bloei’, ‘De overgave’’ In: Kritisch en verhalend proza (Verzameld werk II) (1961)
Martinus Nijhoff, ‘Willem de Mérode ‘Het heilig licht’’ In: Kritisch en verhalend proza (Verzameld werk II) (1961)
Martinus Nijhoff, ‘Willem de Mérode ‘Het kostbaar bloed’’ In: Kritisch en verhalend proza (Verzameld werk II) (1961)
Gerrit Borgers, Gerrit Kamphuis, P.J. Meertens en Hans Werkman, Willem de Mérode (1973)
Willem de Mérode en Hans Werkman, ‘Willem de Mérode 1887-1939’ In: 't Is vol van schatten hier... (1986)
Odile Heynders, ‘Odile HeyndersAchter het masker van een vrouwWillem de Mérode als Victoriaanse dichter’ In: Literatuur. Jaargang 17 (2000)

Websites over Willem de Mérode

http://www.merode.nl/


Terug naar overzicht