|
De strandjurk oplichten
- Voorzichtig. Omzeil de verrukking, dat zinkt toch maar als reumatiek
- het gebeente in. We heffen aanvankelijk de jurk tot op de heupen slechts.
- De maan fonkelt maanlicht op je naakte dijen. ‘Een waarheid,’ fluister ik
- ‘herhaalt zich niet’ & ‘je trekt mij als het trekken van de maan.’ Stilte.
-
- Het droge zand schelpt je nog omstandig haar nee maar de weerstand
- in de scène is een kronkeling van eerdere acteurs, het ritmische breken
- van de bruisende golfslag wil al dat springtij van ons, een hoogwit ruisen,
- het kabaal, namelijk, van de stilte beukend op het witte, mensvreemde strand.
-
- “De verbeelding zet zich door het vel heen aan het vlees.”
- “Een verstrengeling van lichaam vindt plaats meestal 's nachts,
- de verstilde klomp van het rozige hunkeren, het sensuele
- verrimpelt delicaat het strakke dagkleed van de verwensing.”
-
- Ik giet je huid & lippen in de kom met ontbijtgranen. Dat bed, dat daar
- met de gele lakens, dat lees ik je in als de lopende code van ons verlangen.
-
-
- Dirk Vekemans
‘De strandjurk oplichten’ zal met een zestal andere gedichten van Dirk Vekemans verschijnen in het eerstvolgende nummer van De Gids, dat eind augustus uitkomt.
|
|