16 Van cort Rozijn.
- 1
- COrt Rozijn wel lieue neue
- Ghi zijt seer stout ende onuersaecht
- Ghi sult rijden van stede tot stede
- Van Vlaenderen make ick v ruwaert.
-
- 2
- Graue van vlaender des doe ick noode
- Ick sie so noode mijn ongeuoech
- Ick leue so noode bi quaden ase
- Want selue hebbe ick goets genoech
-
- 3
- Cort Rozijn v spitighe woorden
- En sullen v niet te goede vergaen
- Al voor dat huys van Repremonde. |
- Sal ick v doen v hooft af slaen
-
- 4
- Graue van Vlaender ghi hebt een dochter.
- Si thoont mi so fieren ghelaet
- Daer sal ick noch eenen nacht bi slapen
- Al soudt mi naemaels wesen quaet.
-
- 5
- Die heer van Vlaender keerde hem omme.
- Hi was toornich ende onghemoet
- Cort Rozijn ick salt v loonen
- Desen toorne die ghi mi doet
-
- 6
- Heere van Vlaender ick bidde ghenade.
- Den doot en hebbe ick niet verdient
- This gheleden een corte wijle.
- Dat ick was v beste vrient
-
- 7
- Cort Rozijn staet achterwaert
- Als die maeltijt is ghedaen
- Al voor dat huys van Repremonde.
- Daer salmen v dat hooft af slaen
-
- 8
- Graue van Vlaender ick bidde genade
- Voor mijn wijf ende voor mijn kint
- Voor mijn vrienden ende voor mijn maghen
-
[fol. 9v]
- Ende voor mijn schoon ionghe lijf
-
- 9
- Doen die maeltijt was ghedaen.
- Cort Rozijn was daer bereyt
- Men ghinc daer zijn hooft af houwen
- Het coste hem alle zijn suyuerheyt
-
- 10
- Fier ghelaet van schoonen vrouwen
- Heeft menighen man in dolen ghebrocht
- Dat machmen aen cort Rozijn aenschouwen
- Het heeft hem sinen hals ghecost
-
- 11
- Graue van Vlaender ghi zijt een heer
- Gaet ghi nv cort Rozijn dooden
- Het sal noch haestelijc wederkeeren
- Dat ghi dat sout doen seer noode
-
- 12
- Het geschiede op sinte Laureys dach
- Des morghens vroech bi tijden
- Dat die coninc van Enghelant
- Op Vlaenderlant wilde strijden
-
- 13
- Alsser den dach ten auont quam
- Haer en was niet badt te moet.
- Dan oft Vlaender ware mijn |
- Ende Brugghe laghe in coude coelen
-
- 14
- Wi willen gaen bidden god den heere
- ende maria die gods moeder was
- Voor Cort Rozijn den schoonen man.
- Want hi den doot ontschuldich was
|