[fol. 43v]
78 Een nyeu liedeken
- 1
- HEt quam een man van schelde.
- Geheten was Robijn
- hi bracht een tessce met gelde
- die schoone vroukens fijn
- Si seiden coemt an dan man.
- Hier zijn scoon vroukens in tgespan.
-
- 2
- Robijn met sinen baerde
- Quam daer in huys gegaen
- die vroukens licht van aerde.
- Si hebben hem wel ontfaen.
- Si seyden hi di ghi
- Wi willen gaen dansen van herten bly
-
- 3
- Die alder leepste dille
- Si sette hem eenen stoel
- Nv doet hier uwen wille
- Ghi zijt mijn liefste boel |
- Si seyden heyr deyr beyr
- wi willen gaen spelen leer om leer
-
- 4
- Daer waren leepe gheesen.
- Schelu manck ende vuyl
- Si droncken sonder vreesen
- Si vaechden haren muyl
- Si leechden dat nat vat
- Si droncken al datmen hem mat
-
- 5
- Si maecten daer goei ciere.
- Tot dat Robijn ontsliep
- Men screef al thien voor viere
- Het ginc ter borssen diep
- si seyden stelt gelt ende telt
- Betalet gelach ende gaet int velt
-
- 6
- Ghi moetet al betalen
- Robijn wel lieue bloet
- Daer en mach een mijtken niet falen
- Wat ghi daer teghen doet.
- Al valt ghi rebel fel snel
- ghi sult betalen ende niemant el. |
-
- 7
- Men schreef daer dubbel schreuen.
- dat dochte Robijn al vry
- Hi seyde wie sal dit gheuen.
- Si seyden niemant dan ghi.
- Hoe hi creet smeet beet
- Hi mostet geuen al wast hem leet.
-
- 8
- Men screef daer twee ponden
- Robijn was heel confuys
- Sijn borse wert hem ontbonden
- doen en hielt hi niet een cruis
- Si seyden ruyt guyt druyt.
- En pact v ter dueren wt.
-
- 9
- Doen ginc hi thuyswaert. sweermen
- Met platter borssen bloot
- hi craude zijn hooft och armen
- so veel beraus geboot
- Leeck prince siet wiet riet
- Coemt aensulcke vrouwe niet
|