Het is verheugend dat zo spoedig een tweede druk noodzakelijk blijkt te zijn. Het toont aan dat er naast de vele andere Beatrijs-edities behoefte aan een uitvoerig becommentariëerde uitgave bestaat.
Drukfouten en enkele onnauwkeurigheden zijn nu hopelijk verdwenen. Ik ben de vakgenoten zeer erkentelijk voor de moeite die zij zich gaven om hun verbeteringen toe te zenden. Zij zijn te veel om hier te vermelden; een uitzondering moet gemaakt worden voor dr. W.P. Gerritsen, die in dit opzicht mijn bijzondere dank verdient wegens de uitgebreidheid van zijn bijdragen. Waar misverstand bleek te kunnen bestaan zijn enkele wijzigingen aangebracht in de formulering en werden er ter verduidelijking in de verschillende hoofdstukken enkele opmerkingen toegevoegd.
Deze uitgave gaf aanleiding tot een uitvoerige discussie; men kan nu een verantwoording van de wijze waarop gecommentariëerd werd vinden in een artikel van mijn hand in Levende Talen (vermeld in de Literatuuropgave op blz. 131) waarin alle artikelen met opmerkingen van principiële betekenis in verband met deze editie worden genoemd.
Amsterdam, najaar 1966
F. LULOFS
Deze derde druk is geheel herzien. Dit resulteerde in verbeteringen van enkele drukfouten en wijzigingen in interpunctie in de Middelnederlandse tekst en in wijzigingen en aanvullingen in de noten onder de tekst, in de Aantekeningen, in de Tekstkritische Opmerkingen en in de Literatuuropgave.
Deze Literatuuropgave geeft natuurlijk slechts een deel van de geraadpleegde werken, want zij is vooral gericht op de lezer die zich verder wil oriënteren. Er is dan ook geen verantwoording gegeven van de verrichte onderzoekingen, omdat dit zou leiden tot een overbelasting van een uitgave die zich in de eerste plaats richt tot een publiek dat zo'n verantwoording niet zou kunnen controleren. Waar verantwoording echter door middel van enkele verwijzingen mogelijk was, heb ik deze bij aanvullingen in deze druk ter wille van de vakgenoten gegeven.
Wat de Beatrijs-bibliografie betreft zij nogmaals met nadruk verwezen naar de editie-Roemans en Van Assche en wat betreft de literair - historische aspecten van de geschiedenis van het Beatrijs-verhaal naar de editie-Van Dis. De doelstelling van deze uitgave blijft vooral - voor zover mogelijk - de tekst te verklaren zoals deze gefunctioneerd kan hebben voor de tijdgenoten voor wie zij geschreven werd.
Amsterdam, voorjaar 1971
F. LULOFS
Deze drukken zijn weinig verschillend van de vorige. Er werden correcties en enkele aanvullingen aangebracht zowel in de tekst, de noten, de Aantekeningen en de Literatuuropgave. In de vijfde druk kon ik een toelichting geven bij vs 65-71 dank zij de vriendelijke hulp van prof. dr. C.W. Mönnich. In de zesde druk werd dankbaar gebruik gemaakt van de artikelen van Dr. Marijke Spies en drs Jacques Tersteeg in de bundel Wie veel leest heeft veel te verantwoorden. Groningen 1980.
Groningen, zomer 1982
F. LULOFS