i.s.m.
[p. 5]
Amsterdam
, 10
Februari
1886.
Wapengroet aan ‘Het Belfort’ te Gent.
Hebt gij over wei en wallen
Door heel Belgenland
Geen trompetten hooren schallen
Van Oost-Vlaandren's kant?
't Oude Belfort is herrezen
Uit der vaadren eeuw,
Om te strijden als voor dezen,
Met den Vlaamschen Leeuw.
Zijn gebrul is vol van blijheid,
Vrede en zegepraal;
Het verkondigt recht en vrijheid
Voor de moedertaal.
Brabants Leeuw is opgesprongen
In zijn Vlaamsche macht;
't Antwoord davert uit zijn longen,
Vlaamsch aan groet en kracht!
[p. 6]
Limburg's Leeuw was aan het spelen
Met zijn klauw en staart.
't Vreemd geronk kon hem niet schelen,
Vlaamsch bleef school en haard.
Nu toch schiet hij op te blijder
Bij dat blij geschal,
En schiet toe als medestrijder
Bij dat broedrental.
't Onrecht heeft den draak gestoken
Met ons Moedertaal,
't Waterloo is aangebroken
Voor 't uitheemsch gesmaal.
Dat de Waal is Waal gebleven,
Is zijn volste recht;
Onrecht wordt door hem bedreven
Wie hem dat ontzegt.
Niets verdeele als in 't verleden
't Belgisch vaderland.
Vlaamsch en Waalsch doe het op heden
Elk zijn recht gestand.
Hebt gij over wei en wallen
Door heel Nederland
Geen trompetten hooren schallen
Uit Oost-Vlaandrens kant?
't Gentsche Belfort roept ten strijde
Over duin en dal:
Groot als in der kruisvaartstijde
Zij het riddrental.
[p. 7]
Turksch kon men het kruis beledigen
Met vrijmets'laarskunst;
Al wat godd'loos is verdedigen
Met der Staten gunst.
Moest dat Satansjuk niet belgen
't Gantsche Belgenland?
Rukt dan aan, o Kruisvaartstelgen,
't Kruiszwaard in de hand.
Laat de jongren rondtrompetteren
Als een Hemelsgunst:
‘'t Belfort, toegewijd aan letteren
Wetenschap en kunst.’
Geestverwanten, Taalgenoten,
‘'t Belfort’ ga u voor:
't Riddren strijdperk wordt ontsloten,
Volgt zijn ridderspoor.
Hem zij de eereplaats beschoren
Aan den Vlaamschen haard:
Al wat Vlaamsch is moet hem hooren
Op den eersten Maart.
J.W. Brouwers
,
Red. van ‘
De Wetenschappelijke Nederlander
.’