De Beweging. Jaargang 12


auteur: [tijdschrift] Beweging, De


bron: De Beweging. Jaargang 12. W. Versluys, Amsterdam 1916


verantwoording

inhoudsopgave

doorzoek de hele tekst


downloads



DBNL vignet

[p. 157]

Boekbeoordeelingen

Van Dale's Zakwoordenboek der Nederlandsche Taal. Tweede verbeterde druk. 's-Gravenhage, Martinus Nijhoff, Leiden, A.W. Sijthoff's Uitg. Mij.

In ‘De Beweging’ van October en November 1915 gaf ik een aantal opmerkingen en aanmerkingen naar aanleiding van de verklaringen van rechtskundige vakwoorden in Van Dale's Groot Woordenboek der Nederlandsche Taal. Thans zendt men mij een tweede druk van Van Dale's Zakwoordenboekje, drie maanden na den eersten verschenen.

Het boekje schijnt dus in eene bestaande behoefte te voorzien, gelijk men zulks noemt. Persoonlijk kan ik het nut van al die boekjes niet inzien. Als kweekeling, onderwijzer en leeraar heb ik ze zoo min mogelijk gebruikt. Dit boekje draagt een dubbel karakter en daardoor is het niet beter geworden. De samensteller had het kunnen maken tot een leermiddel bij het schrijven van zuiver Nederlandsch. Spelling en geslachtsaanduiding waren dan voldoende geweest. Bij denzelfden omvang zou het boekje dan veel vollediger hebben kunnen zijn. Maar hij heeft zijn boekje tot een verklarend woordenboekje willen maken. En dat gaat nu eenmaal niet. Als iemand een beteekenis van een woord niet kent, zal hij haar, behoudens eene hoogst enkele uitzondering, uit dit boekje niet kunnen leeren. En daar is het dan toch ook niet voor. Blijkens het Voorbericht is het bestemd voor schoolgebruik. Welnu: de jongens kunnen op school veel beter naar de beteekenis van de woorden vragen. Volledig is het boekje allerminst en volledigheid heeft de schrijver zeker ook niet bedoeld. Samenstellingen en afleidingen zijn

[p. 158]

terecht slechts in beperkt aantal opgenomen. Minder gebruikte woorden eveneens. Zeer veel gebruikte woorden eveneens. In mijne beoordeeling van Van Dale's Groot Woordenboek moest ik de verklaring van honderdnegentig rechtstermen afkeuren. Daarvan ontbreken er in dit boekje honderdtien, waaronder vele zeer gebruikelijke. Bij de overige tachtig is het aantal fouten niet groot. De schrijver had voor verklaringen weinig ruimte. Aanwas, assurantie, beleedigen, boete, conclusie, exceptie, gewijsde, krijgsraad, noodweer, respondeeren, zijn nu niet langer fout verklaard. Onjuist zijn nog steeds: authentiek, commissionnair, correctie, failliet, gevangenis, insolvent, landlooper, procureur, stelen, tuchthuis en wanbedrijf. Opruien wordt gelijkgesteld met ophitsen. Ik wijs daarop in verband met de vervolgingen van de onderteekenaars van het Dienstweigeringsmanifest. Ingezetene en toerekenen ontbreken. De schrijfwijze daarvan is toch zoo gemakkelijk niet.

Ik wil den bewerker niet onaangenaam zijn, maar in weerwil van deze tweede druk lijkt het mij, dat dit boekje niet noodig is naast Koenens Verklarend Woordenboekje. Het zou veel beter zijn, wanneer er minder boekjes waren, en wanneer dan ieder medewerkte om die boekjes zoo goed mogelijk te doen zijn, door bij iedere uitgave zijne op- en aanmerkingen te maken. Maar ja: geen leeraar, geen schoolhoofd is gelukkig zoolang hij niet zijn eigen boekjes gebruikt. Het onderwijs wordt daardoor niet gebaat.

J. Is. d.H.