terug  begin  verder
[p. 66]

Vic van de Reijt
19 Stellingen over Willem Elsschot.

De Nederlander Vic van de Reijt ontdekte in de zomer van 1981 een brief van Willem Elsschot. Hij raakte er zo gefascineerd door dat hij verder ging spitten. Totaal verbaasd dat nog niemand anders een poging had ondernomen om de brieven van Elsschot te verzamelen, toog hij enthousiast aan het werk. Het kostte hem 11 jaar van zijn leven, maar nu ligt het lang verwachte en aangekondigde boek er: Willem Elsschot/Brieven (uitg. Querido). De brieven werden verzameld en toegelicht door Vic van der Reijt en hij werd daarbij geassisteerd door Liedewijde Paris. Als geen ander is Vic van der Reijt nu vertrouwd met Willem Elsschot en speciaal voor de Brakke Hond, waarvan het redactieadres gevestigd is in de straat waar Laarmans zijn kaashandel had, ontwikkelde hij 19 polemische stellingen over het werk van één van de grootste schrijvers uit de Nederlandse Letteren.

1.De scheiding die de kritiek maakt tussen Willem Elsschot en Alfons de Ridder is bizar: de literaire en zakelijke activiteiten liepen bij hem volstrekt door elkaar.
2.Tot twee maal toe frustreerde het uitbreken van een wereldoorlog Elsschots zakelijke én literaire carrière.
3.Zowel tijdens (en na) de Eerste en Tweede Wereldoorlog moest Elsschot zijn toevlucht zoeken bij Vlaamse uitgevers. Zo raakte hij van zijn Nederlands publiek vervreemd.
4.Het heeft Elsschot nooit aan erkenning ontbroken, wel aan geluk.
[p. 67]
5.Elsschots zwijgen tussen 1924 en 1933 wordt niet veroorzaakt door gebrek aan erkenning, maar door het feit dat zijn leven als inspiratiebron is opgedroogd.
6.De mythe dat Jan Greshoff de schrijver Elsschot na een zwijgperiode van tien jaar heeft gewekt, is vooral ingegeven door Greshoff zelf.
7.Ook zonder Greshoff zou Elsschot vroeg of laat Kaas geschreven hebben: ‘Waar zwangerschap bestaat volgt het baren van zelf, ten gepasten tijde.’
8.Het succesvolle reclamebureau dat Elsschot van 1919-1931 dreef, had te weinig ‘Laarmans’-elementen om literaire vorm te krijgen. Pas bij het oprichten van een eigen zaak in 1931 onstaat er weer conflictstof. Dat levert, met de beschrijving van zijn Schiedamse kantoorjaren en de verwerking van de dood van zijn moeder (1926), een nieuw boek op, Kaas.
9.Het model voor Boorman in Lijmen is Jules Valenpint. Na diens overlijden in 1930 keert Boorman terug in Het Been en Het Tankschip. Het model voor Boorman is dan De Ridder zelf.
10.Elsschot is Laarmans, De Ridder is Boorman.
11.Het Been is geschreven in opdracht van Ter Braak; het is Elsschots enige werk dat hem niet ‘van het hart’ is en daardoor zijn zwakste boek. En al die bijbelse metaforen maken het geheel er niet beter op.
12.Na Greshoffs vertrek naar Zuid-Afrika schreef Elsschot nog Het Tankschip en Het Dwaallicht, geheel op eigen
[p. 68]
kracht. Uit een misplaatst superioriteitsgevoel boorde Greshoff daarop beide werken de grond in.
13.Ook de betekenis van Elsschot voor Carmiggelt is groter dan omgekeerd.
14.Elsschot heeft wel degelijk deelgenomen aan het literaire leven: in de tijd van Alvoorder en de ‘Bende van Kryn’ (1898-1904); in de tijd van Forum en Groot Nederland (1933-1940); en in de beginperiode van het Nieuw Vlaams Tijdschrift (1946-1949).
15.Elsschots carrière als zakenman stond de acceptatie door zijn literaire collega's in de weg. Vooral daardoor kon hij geen lid worden van de Vlaamse Academie, hoe zeer Walschap ook voor hem pleitte. Vervolgens fungeerde het ‘Borms’-gedicht als definitief hakblok.
16.Dank zij het Borms-gedicht kon Elsschot zich bevrijden van een Vlaamse literaire coterie die zich aan hem opdrong.
17.Het Tankschip is het begin van een grote roman over de oorlog die Elsschots chef d'oeuvre had moeten worden. Door de Borms-affaire heeft Elsschot het boek niet meer willen afmaken. Alleen de ‘Brief aan Walter’ en een pagina manuscript (afgedrukt in De Post 1957) zijn nog van deze roman overgebleven.
18.Het Dwaallicht is ‘beleefd’ in november 1938, geschreven in 1944 en gepubliceerd in 1946; de stof voor De Leeuwentemmer en Het tankschip dateert van later datum, respectievelijk 1939 en 1940.
[p. 69]
19.Via zijn autobiografie laat Elsschots werk zich als volgt lezen:
1)De Verlossing ong. 1890 en 1910-1914. (Ook het gedicht ‘Het huwelijk’ dat een voorstudie van dit boek is.)
2)Een ontgoocheling (ong. 1892-1897).
3)‘Aan Fine’ (1901) en andere gedichten w.o. Verzen van vroeger (1901-1908).
4)Villa des Roses (1906-1907).
5)Kaas (1907-1911).
6)Lijmen (1913-1914).
7)Pensioen (1914-1918).
8)Kaas (1925/1926 &1931/1932).
9)Tsjip (1933).
10)Het dwaallicht (1938).
11)De leeuwentemmer (1939).
12)Het tankschip (1940).
13)‘Borms’ (1946/1947).
terug  begin  verder