terug  begin  verder
[p. 153]

Dree Peremans
De halve Schelde is van mij

van zeventien tot eenentwintig augustus 1992 liep ik langs de Schelde. Van Saint Amand les Eaux tot Gent Alleen. Zo hoort dat en dit heeft zij mij gegeven.

 
Gibraltar heb ik gezien
 
en Saint Amand en Zingem
 
een homobar in Avelgem
 
een naakte vrouw in Doornik of Tournai
 
zij leek op iemand
 
die ik in gedachten had
 
toen ik de trap besteeg
 
en prompt verloren liep
 
omdat de stad twee kanten heeft
 
de ene oud, de ander nieuw
 
maar samen eeuwen
[p. 154]
 
in Maulde dat men anders schrijft
 
dan het zo klinkt
 
verandert men van land
 
frans stof blijft liggen
 
bij honden op de weg
 
of plat gereden egels
 
de wijn wordt bier
 
het landschap blijft
 
 
 
hier ben ik in een vaderland
 
met een rivier
 
die eerst Escaut
 
straks Schelde heet
 
 
 
twee talen heb ik nodig
 
om te denken wat ik zeg
 
om te zeggen wat ik denk
 
om te worden wie ik was
[p. 155]
 


illustratie

 
Antoing, Péronne en Bléharies
 
Hollain, Calonne en Vaulx
 
Bossuit, Outrive, Zevergem
 
Eke, Gavere en Asper
 
een bed, een kerk, een kroeg
 
een biefstuk, pint of brood
 
een beiaard
 
die in Oudenaarde
 
valser klinkt
 
of even vals
 
als in Warcoing
[p. 156]
 
in Asper regent het
 
ik moet nog kilometers gaan
 
het eerste vallend blad
 
dat op de Schelde landt
 
wordt meegevoerd naar waar ik ga
 
 
 
in Zevergem
 
wou ik de zon zien schijnen
 
maar als ik langs loop
 
spoelt een doorweekt verleden
 
voor altijd weg over de dijk
 
 
 
de overkant is mist
 
en trage bomen
 
 
 
heel ver weg
 
weet ik een karavaan
 
een circus dat met olifanten
 
of met beren danst
 
in altijd weer een andere plaats
 
 
 
een kermisploeg die molens draait
 
met suikerspin
 
of pomme d'amour
 
nog nooit gewonnen
 
altijd prijs
[p. 157]
 


illustratie

 
Schelde wordt een
 
taak
 
als adem ritme wordt
 
als ritme adem
 
tot aan de bron
 
Eke ligt nog op mijn weg
 
Eine ook en
 
Nazareth
 
hier kom ik langs
 
uit steden
 
in dorpen
 
soms vlekken
 
waar ooit vóór mij iemand was
 
aan deze oever
 
aan deze kant
 
reis ik nu
 
ik stap, ik wandel
 
kan sneller als ik wil
 
want niemand heeft beslist
 
om door te gaan
 
naar nergens
terug  begin  verder