i.s.m.
[p. 62]
Jos Zwangerman
De dichter ontluisterd
Zoveel tongen zijn te vaak ontwaakt,
benat en weer in slaap gemept.
Te wezen een gedicht
weet het niet-schrijven zich bereikt.
Luister. Schrijven moet ik
voor de oplettende lezertjes.
Ik ben er niet voor maar tegen -
te veel dat niet werd geschreven.
Daarover. Ik heb
ook mijn vaste lasten en
- ik heb zojuist iets geschreven!
Zo snel, voorbij alweer.
Jawel. Ik heb geschreven.