terug  begin  verder
[p. 75]

3 Kamers
3 Gedichten

Slaap en werkkamer - Ik schat de lengte Jan Fabre - Benno Barnard

 

De Vliegenvangerkamer - Punt Jan Fabre - Gerrit Achterberg

 

Huis van Vlammen - Leven in een huis Jan Fabre - Gerrit Kouwenaar

[p. 76]
Ik schat de lengte die ik heb
 
Ik schat de lengte die ik heb. Eén zeventig.
 
Zet streepjes af op het plafond. Ik lig in bed.
 
Da Vinci zocht verhouding sec. Ik teken,
 
zonder lood, mijzelf, van barst tot spinneweb.
 
 
 
In deze droom word ik te groot. Met uitgestrekte
 
leden, zo onruimtelijk, gezien vanuit de nek,
 
besta ik niet. Ik schets, maar dan in taal,
 
zoals ik tot de wereld sta. De ik van een verhaal.
 
 
 
Benno Barnard
[p. 77]



illustratie

[p. 78]
Punt
 
Het raam is dood aan deze kant.
 
Het heeft geen andere kant.
 
De wereld werd een wand,
 
waartegen ik beweeg,
 
een vlieg, een dunne veeg.
 
 
 
De muren komen op mij toe;
 
de zolder en de vloer:
 
plat parallellepipedum,
 
vertrapt lucifersdoosje en
 
de put van Edgar Allan Poe.
 
 
 
Gij nam dimensie met u mee
 
uit mijn bestaan. Ik ben alleen
 
het onveranderlijke punt,
 
waarop gij u verlaten kunt.
 
 
 
Gerrit Achterberg
[p. 79]



illustratie

[p. 80]
 
Leven in een huis
 
als in een lichaam
 
 
 
een breker breekt de ruiten
 
de wind van buiten
 
komt binnen
 
 
 
in een hoek nog een oud kind
 
in een kast een vergeten
 
liefde
 
 
 
stilte neemt bezit van geluid
 
namen versmoren in stof
 
geen deur komt ergens op uit
 
 
 
Gerrit Kouwenaar
[p. 81]



illustratie

[p. 82]

[advertentie]

terug  begin  verder