i.s.m.
[p. 288]
Nic. van Beeck
Landschap
Het grijze huis wordt wit
voor 't donker van de boomen.
Het kind dat op den bornput zit
speelt met verlaten droomen
en kijkt de vogels na.
Heel ver is van de schepen
het wondere geluid. Daarna
de trage rook die strepen
van moeheid langs de wolken trekt.
Drie paarden staan te droomen
en kijken naar het huis dat vlekt,
heel wit, voor 't donker van de boomen.
En langs den dijk der vaart het vee dat graast,
de logge schepen langs den kant gereid
en ook de man, die wolken blaast
van rook en eenzaamheid.