terug  begin  verder
[p. 25]

Erik Spinoy
Gedichten

JVHV
 
Neem en eet dit woord
 
als at je voor het eerst
 
van rauwe vis.
 
 
 
Wie praat en praat
 
wordt zonder twijfel blind.
 
 
 
Sta stil,
 
tel alle stenen in de muur en
 
denk (in hemelsnaam) niet na.
 
 
 
Zing als met stenen in de mond
 
van Auschwitz, God, Treblinka.
[p. 26]
Come on, baby, light my fire
 
Weeg deze koude hand, leg vingers
 
op een steen. Druk zwijgend
 
beide ogen toe.
 
 
 
Haal adem oeverloos en sla,
 
versplinter het gebit.
 
Verzink in mij.
 
 
 
Drink van dit bloed.
 
Eet van dit vlees.
[p. 27]
Het gastmaal
 
Terwijl het sterfelijk vlees
 
beweegt
 
beweegt
 
 
 
het einde zich. Lang hangt het
 
stil, diep in de grot
 
waar druipsteen druipt en het
 
zoals een afgrond zwijgt.
 
 
 
Draait het zich om,
 
dan spreidt het
 
harde, zwarte vlerken uit.
[p. 28]
Licht van de hoogtezon
 
Een pop die, draden
 
in de rug, een leven leidt
 
in vreemde hand.
 
 
 
Zo ligt, vlak bij de kloof,
 
het kleine hoofd. Zoekt naar
 
een verre ademtocht
 
en vindt.
 
 
 
Traag echter glijdt het lijf
 
verleiding in.
terug  begin  verder