[p. 208]

Hippodrome provincial

 
Zelfs bakkers kunnen nu als krijgsheld zitten
 
Op de door sleur getemde paardenlijven,
 
Die met hun leidsels en hun modd'rig witte
 
Schabrakken de onberedenheid verdrijven.
 
 
 
Een zwarte broek is om langszij te wrijven
 
Te zondagsch, bruin zaagsel besproeit de ritten:
 
De bóeren zitten liever bij hun wijven,
 
Die uit hun goudkap op de beesten vitten.
 
 
 
De baas kronkelt zijn zweep, en slanke beenen
 
Tripp'len vluchtig hoogeschool, ongevraagd en
 
Uit gewoonte: niemand die er op staat.
 
 
 
Binnen den kring loopt ernstig, uit den maat,
 
De een'ge pony met het bleekgeplaagde
 
Jodenmeisje, veilig voor slijk en steenen.

S. Vestdijk