terug  begin  verderprepost
[p. 56]

Album.

Korte berigten over boekwerken, vlugschriften, enz., aankondigingen van vertalingen, letterkundig nieuws, enz.

Gedenkschriften van Oom Zebra, uitgegeven door L.M. Oettinger naar het Hoogduitsch. Eerste Deel. Amsterdam, M.H. Binger. 1843

‘Niemand achten wij tot het beoordeelen van dit boekwerk beter geschikt dan UEd.’ Met deze hoogstvleijende formule eindigt de missive der redactie van de Gids, waarbij mij deze oom werd toegezonden, en wel in eenen tijd NB., dat mijn geneesheer, een ware Doctor Pédro Récio de Aguero, mij aan eene soort van hongerkuur onderworpen hield. Ik sloeg het boek op. Reeds de aardige plaatjes op en tegenover den titel deden mij watertanden; den buik van Zijne Algerijnsche Hoogheid kon ik, zonder een weemoedig gerommel in den mijnen, niet aanzien, terwijl de tooverende pollepel van den rond getronieden pauselijken keukenheld mijne maag tot openlijk oproer aanzette. En nu de inhoud!... Kijk, Mijneheeren! gij hadt evenzoo goed het oog op mij kunnen slaan, indien gij de physiologie van den echten smulpaap hadt willen schrijven of doen beoordeelen! Want weet, lieve lezer! dat het boek schier enkel over lekker eten en drinken handelt. De geleerde schrijver vergeve het mij, dat ik met zulk eene platte, prozaïsche uitdrukking den min kundige een begrijpelijk denkbeeld tracht te geven van de treffende wijze, waarop hij het edel tafelgenot idealiseert, en in al deszelfs aesthetische verhevenheid voorstelt; - zijne diepzinnigste beschouwingen over al het schoone, goede en ware, dat er mede in verband staat, mededeelt; - vork, lepel, servet, tot zelfs den tandenstoker, physiologisch behandelt; - ons tot in de fijnste nuances het synonieme van eten en genieten opheldert, en met de uitgezochtste kunsttermen betoogt niet slechts, dat men eten, maar wat en hoe men eten moet. Na het boek met al

[p. 57]

de aandacht van een' wezenlijk belanghebbende te hebben doorgebladerd, schonk ik het, voor een St. Nikolaas, aan mijne keukenmeid, met de eenigzins egoïstische bedoeling, dat zij, zoodra mijn esculaap het lijntje een weinig glippen liet, de nuttige voorschriften, die het behelst, te mijnen behoeve te pas zou brengen. De goede sloof heeft mij dit reeds voorwaardelijk toegezegd. Overigens betuigde zij, dat de grappige verhaaltjes, waarmede de schrijver zijne nu en dan wat drooge gastronomische eruditie lardeert, zoo geheel in haren smaak vallen, alsof zij ze zelve geschreven had, en dat er vooral hoegenaamd niets in voorkomt, dat haar kiesch gevoel en hare maagdelijke eerbaarheid in het minst kan kwetsen, in welke getuigenis ik een' waarborg vind, dat het boek in veler handen zal komen.

Tegen de ontvangst van het tweede deel, waarin zich de schrijver vermoedelijk in eene zielkundige beschouwing van taarten en pasteijen zal verdiepen, hoop ik mij op eene genoegzame hoogte te zien, om de groote en heerlijke zaken, die het bevatten zal, met mijn eigen verstand in het schitterend licht te plaatsen, waarvoor zijn hooggeleerde ze ongetwijfeld bestemd heeft.

H.B.

Jaarboekje voor den Boekhandel, voor 1842-1843. - Te 's Gravenhage, bij J.L.C. Jacob, 1843, 8o

Een nuttig jaarboekje. De eerste jaargang over 1839 verscheen bij j. de visser en zoon, die van 1840 en 1841, bij j.n. van't haaff, en ge ziet, dat het nu weder eenen nieuwen uitgever heeft. Het kan niet anders, of het heeft hierbij gegewonnen; de heer jacob is bekend als een kenner van onzen, vooral vroegeren, boekhandel, als een echt liefhebber van Typographische voortbrengselen, als een waar Bibliophiel. Zijn vroeger stukje over de Elseviers (hoezeer niet in den handel) heeft hem eenen welverdienden naam bij de verzamelaars van boeken bezorgd.

Voor den eigenlijken boekhadel is het aangekondigde werkje bijna onmisbaar, immers hoogstnuttig, door de naamlijsten der boekhandelaren, boek-, plaat- en steendrukkers, enz. hier te lande; van hunne correspondenten te Amsterdam en de dagen van verzending. - Men vindt hier, onder andere, lijsten der dag- en weekbladen, met opgave der prijzen; van geschrif-

[p. 58]

ten, op onbepaalde tijdstippen, of maandelijks uitkomende; van de dagbladen te Parijs, enz. Het getal der dag- en weekbladen hier te lande bedraagt, volgens de hier geleverde lijst, 52; dat van de andere tijdschriften 118; sedert de uitgave van dit werkje is beider getal weer toegenomen. Op de lijst der tijdschriften, bl. 23, staat: Nieuwe Bijdragen ter bevordering van het Onderwijs, enz. Moest dit niet op de B. zijn vermeld als Bijdragen (Nieuwe) ter bevordering, enz.?

In het mengelwerk vinden wij onder andere eene levensschets van h.c.a. thieme, door j.v.w. rsz.,, waaruit blijkt, dat thieme, door oppassendheid en tijdsomstandigheden een aardig fortuin bij elkander heeft gekregen; maar welk stukje eigenlijk niet veel om het lijf heeft, en niet veel meer is dan de hulde van eenen vriend aan den ontslapene. Als voorbeeld voor anderen kan het welligt nut stichten. Maar welk eene dwaasheid, om het portret van thieme voor dit boekske te plaatsen! Is het dan niet genoeg, dat de Amsterdamsche professoren, de welgeboren mannen van Utrecht en de Nederduitsche dichters (etiam minorum gentium) hun gelaat aan almanakken hebben prijs gegeven? Moet die ijdelheid tot de boekverkoopers toe besmetten? - Het portret van h.c.a. thieme moge voor zijne betrekkingen en vrienden waarde bezitten, maar het mist die voor het publiek.

De uitgever zelf heeft dezen jaargang met drie bijdragen verrijkt, eene over het geslacht en de drukwerken van hermanus schinckel, die als martelaar van de vrijheid der drukpers het leven verloor; eene tweede over simon moinet, de corrector van de drukkerij der elseviers, en eene derde, getiteld: Notices bibliographiques sur louis elsevier de Leyde et son fils louis, le jeune, libraire à la Haye. Reeds in den jaargang van 1839 gaf hij een zeer uitvoerig stukje over het geslacht der elseviers; en in 1841, iets over bonaventuur en abraham van dien naam. Al hetgeen ons doet verwachten, dat hij eens zal vervullen den wensch van den schrijver van l'Analyse des matériaux les plus utiles, pour des futures Annales de l Imprimerie des elsevier, naar un ouvrage complet sur les personnes et les productions des elsevier, waartoe hij allezins berekend is.

prepostterug  begin  verder