15‘ik kan het met ere, d.i. volgens de regels van de hoofse erecode, niet betwisten’; ontkiven is verder niet in mnl. teksten aangetroffen.
21-22‘hoe onaangenaam het ook voor mij is en al weet ik niet wat ik moet beginnen, ik wil niets afdoen aan haar recht om aan een ander de voorkeur te geven boven mij’.
26-27‘ik wil niet dat zij iets doet, waardoor aan haar eer, haar recht om haar hart te volgen, tekort gedaan zou worden’.
28vouden, ‘vouwen, plooien’; dus: ‘ik moet mijn leed zo goed mogelijk verwerken, anders zal ik sterven van verdriet’.