terug  begin  verderprepost
[p. 372]

66



illustratie

 
O vrouwe, mijn ewelic bestier,1
 
Nu bestu daer ende ic ben hier,
 
Nochtan zijn wi te zamen.
 
 
 
Mijn herte es eewelike ghier4
5
Om dijn troostelic verchier.5
 
 
 
O vrouwe etc.
 
 
 
Alsic aensie dijn scoon manier,7
 
So moetic vruecht ghewinnen scier.8
 
Lief, God verde u van blamen!9
 
 
10
O vrauwe etc.
Rondeel. Wolf Kongreßbericht.
1bestier, ‘bestierster, leidsvrouwe’.
4ghier, ‘verlangend’.
5verchier: dit woord komt verder niet in het mnl. voor en wij moeten de betekenis dus opmaken uit de context; het zou een persoonlijke variant kunnen zijn van chiere, ‘gelaat’ (dat echter vrouwelijk is), of de stam van het ww. verchieren, en dan iets als ‘opluistering (van mijn lege, armzalige leven)’ moeten betekenen.
7manier, ‘gedaante’.
8scier, ‘meteen’.
9verde, ‘bescherme’.
prepostterug  begin  verder