[p. 394]
tekstkritische noten
77
Sich vor dich, ghetrauwe man,
1
Die goeder minnen niet ne can
Becliven.
2-3
Blijfst der an, so moetstu dan
5
Bedroghen bliven.
Seikerlijch, die di wael jan,
6
Hi sal di endelijch der van
Verdriven.
7-8
Sich vor dich, ghetruwe man,
10
Die goeder minnen niet ne can
Becliven.
Hoor ende zich, du merkes an
[p. 395]
Dat trouwe selden troost ghewan
Van wiven,
15
Ende trauwe ende minne es een ghespan,
15
So wise scriven.
16
Sich vor dich, ghetruwe man.
Rondeel.
1
sich vor dich, ‘zie voor je, kijk uit’.
2-3
‘die met uw oprechte liefde geen vorderingen kunt maken’;
can
door rijmdwang, grammaticaal verwacht men
cans
.
6
die di wael jan, ‘wie je welgezind is, wie het goed met je meent’.
7-8
‘hij zal je er tenslotte (door herhaalde welgemeende raadgevingen) toe brengen om je (van die uitzichtloze liefdesverhouding) los te maken’.
15
een ghespan, ‘één gezelschap’; de bedoeling is: ‘trouw en liefde horen bij elkaar, zonder trouw geen liefde’.
16
‘zoals (wijze) schrijvers zeggen’.