5in allen laste: t.w. van de (tijdelijke) verwijdering.
7strijf: Verdam weet met dit woord geen raad; hij is geneigd op grond van eng. to strive een mnl. *striven aan te nemen, maar de bet. van het eng. ww. (‘zich inspannen, pogen’) past in het minst niet op deze plaats; m.i. moet men strijf zien als een imperatief van mhd. streifen of van een verduits mnl. stripen; de bet. wordt in beide gevallen ‘strijk weg’.
10gherijf, ‘aangenaam (t.w. aan de geliefde)’; geen andere plaatsen in het mnl. en dus waarschijnlijk weer een persoonlijke variant (van gherrivelijc); door het -ijf-rijm te kiezen heeft de dichter het zich in dit lied wel bijzonder moeilijk gemaakt!
11keitijf: het woord betekent in het mnl. gewoonlijk ‘ellendig’, maar wordt op deze plaats mogelijk in de meer oorspronkelijke zin van ‘gevangen’ gebruikt; de hoofse minnaar placht zichzelf immers voor te stellen als de ‘gevangene’ van zijn dame.
12ghelijc den vreimden gaste, ‘als een vreemdeling (aan wie het huis van de geliefde ontzegd wordt)’; ook lied 82 kan geplaatst worden in de ‘tweede fase’, toen Mergriete de dichter niet wilde ontvangen; verg. blz. 168-71.
14‘daartoe (nl. tot in trauwen ghestade bliven) heeft de liefde míj gevoegd’.