Rondeel. De finalis is e″ (in hoge ligging). Mogelijkerwijze is deze nog door een d″ gevolgd (op facs. niet meer zichtbaar). De dichter heeft in het 2de (volledige) couplet het 2de refreindeel opgenomen (AB a A aB AB in plaats van ABaAabAB).
5ichs dir gan, ‘ik ben u genegen, ik blijf mijn hoofse liefdedienst tenvolle aan u wijden’; de dichter probeert Mergriete na de dood van Egidius op te monteren door er, bescheiden maar onhandig, op te wijzen dat hij, de hoofse huisvriend, er toch ook altijd nog is!
8-9‘boven alles behaagt mij uw liefelijk gelaat, wanneer ik het vriendelijk (tegenover mij) mag zien’; zij wil hem in deze tijd nl. niet te woord staan en kijkt langs hem heen.
15hets recht: zij mag als hoofse geliefde met hem, haar slaaf, nl. doen wat zij wil, dus ook hem de toegang tot haar ontzeggen. ic bem dijn eighijn, l. ic bem al dijn eighijn?