VAN HET VIERDE COLLOQUIUM VAN HOOGLERAREN EN LECTOREN IN DE NEDERLANDISTIEK AAN BUITENLANDSE UNIVERSITEITEN GEHOUDEN TE GENT VAN 8 TOT 13 SEPTEMBER 1970
| 1. | Het Vierde Colloquium heeft met volledige instemming kennis genomen van de oprichting van de Internationale Vereniging voor Nederlandistiek en spreekt de hoop uit dat de Nederlandse en Belgische regeringen aan de vereniging even krachtige steun zullen verlenen als de Werkcommissie steeds genoten heeft. |
| 2. | Met grote voldoening en erkentelijkheid heeft het Colloquium kennis genomen van de regeling die het Ministerie van Onderwijs en Wetenschappen heeft ontworpen ten aanzien van de rechtspositie van de Nederlandse docenten aan buitenlandse universiteiten. Het spreekt het vertrouwen uit dat er ook voor de Belgische docenten spoedig een bevredigende regeling tot stand komt. |
| 3. | Het Colloquium draagt het bestuur van de Internationale Vereniging voor Nederlandistiek op om mogelijkheden te onderzoeken tot tijdelijke plaatsing van buitenlandse nederlandisten aan instellingen van onderwijs en onderzoek in Nederland en België. |
| 4. | Het Colloquium acht het wenselijk dat er een Nederlands-Belgisch interuniversitair centrum voor Nederlandse literatuurwetenschap tot stand komt. |
| 5. | Uit de discussies is opnieuw de dringende noodzakelijkheid gebleken van
een bibliografisch en algemeen informatief apparaat op het gebied van de
Nederlandse cultuur, speciaal gericht op de taak van de docenten in de
nederlandistiek aan buitenlandse universiteiten. Het Colloquium draagt het bestuur van de Internationale Vereniging voor Nederlandistiek op de totstandkoming hiervan te bevorderen. |
| 6. | Er bestaat vooral bij de nederlandisten in het buitenland een dringende behoefte aan een zo volledig mogelijke grammatica van het moderne Nederlands. |
| 7. | Het Colloquium spreekt de dringende wens uit dat de Geschiedenis van de letterkunde der Nederlanden, opgezet door wijlen professor Frank Baur, spoedig wordt voltooid. |
| 8. | Het Colloquium heeft met grote belangstelling kennis genomen van een project tot samenstelling van een comparatistische bibliografie van de Nederlandse letterkunde en beveelt het bestuur van de Internationale Vereniging voor Nederlandistiek aan om te onderzoeken of steun kan worden verleend aan het voltooien en uitgeven van deze bibliografie. |
| 9. | Het Colloquium acht de instelling van de reeks Bibliotheca Neerlandica Extra Muros een gelukkig initiatief en draagt het bestuur van de Internationale Vereniging voor Nederlandistiek op hiervoor een adequate financiële basis te zoeken. |
| 10. | Het Colloquium spreekt zijn bijzondere dank uit aan de Nederlandse en Belgische regering, aan de Rijksuniversiteit te Gent, aan de Stichting der Nederlandse Universiteiten en Hogescholen voor Internationale Samenwerking (NUFFIC), en aan de andere instanties die het Vierde Colloquium mogelijk gemaakt hebben. |
| 11. | Het Colloquium betuigt zijn grote erkentelijkheid aan de Werkcommisie voor de gedurende negen jaren verrichte arbeid en vertrouwt erop dat haar werkzaamheden door het bestuur van de Internationale Vereniging voor Nederlandistiek met niet minder toewijding zullen worden voortgezet. |