Na een welkomstwoord van voorzitter professor W. Lagerwey (emeritus Calvin College, Michigan) aan de 24 aanwezigen werden er achtereenvolgens drie korte lezingen gehouden:
| 1) | prof.dr. R.S. Kirsner (Los Angeles): ‘Papegaaïtjes, Linguïstjes, Patiëntjes of Studenten?’ (zie p. 115-119); |
| 2) | prof.dr. W.F. Jonckheere (Pietermaritzburg): ‘Een kennismaking met extra muros-uitgaven van Nederlandse literaire werken’ (zie p. 121-127); |
| 3) | Mike Rigelsford M.A. (Liverpool): ‘“Ik lees al indringend twee boeken”: over romans leren lezen’ (zie p. 129-130). |
De voorzitter toonde zich verheugd over de goede opkomst op de sectievergadering, waarbij docenten uit Australië (3), Groot-Brittannië (6), Zuid-Afrika (2), de Verenigde Staten (11), alsook twee belangstellenden uit Nederland en België aanwezig waren. De afwezigheid van collega's uit Canada werd betreurd. Wellicht heeft het feit dat het colloquium in de laatste week van augustus plaatsvond, juist wanneer het academisch jaar aan Amerikaanse universiteiten begint, hier iets mee te maken.
De bespreking van zakelijke aangelegenheden stond onder leiding van professor P. King (Hull). Deze bespreking ging allereerst over de mogelijkheid om te komen tot een groter onderling contact, mede door het stimuleren van uitwisseling van docenten en studenten. Bij de bespreking werd onder andere de nadruk gelegd op het tijdig verstrekken van informatie over conferenties en dergelijke. De collega's werden dan ook geattendeerd op de derde Interdisciplinary Conference on Netherlandic Studies van de AANS (American Association of Netherlandic Studies), die van 11 tot 14 juni 1986 gehouden zal worden aan de University of Michigan te Ann Arbor.
Op de vraag of studenten uit het ‘Junior Year Abroad'-programma niet zouden kunnen worden aangetrokken voor de studie van het Nederlands aan Engelse universiteiten bleek het antwoord negatief te zijn wat betreft bestaande studieprogramma's in Nederland, o.a. van universiteiten als Stanford, Indiana, Florida en Dordt en Calvin College. Blijft wel de vraag of Amerikaanse universiteiten met een ‘Junior Year Abroad’-programma in Engeland niet in kennis gesteld dienen te worden van de studiemogelijkheden in de Nederlandse taal, geschiedenis en cultuur aan de leerstoelen voor Nederlands aan Engelse universiteiten.
Twee resoluties, waarin de sectie haar teleurstelling uitsprak, ten eerste over het verminderen door de Belgische regering van het aantal plaatsen op de zomercursussen te Gent en Hasselt dit
jaar, ten tweede over de afwijzing van steun aan het tot stand komen van een Engelstalig cultureel blad door de Nederlandse overheid, werden aangenomen en doorgestuurd naar de algemene vergadering van de IVN.
In verband met het plannen van onze sectievergadering op het eerstvolgende colloquium werd tenslotte duidelijk naar voren gebracht dat er meer aandacht besteed diende te worden aan een gedegen bespreking van allerlei zakelijke aangelegenheden. Daarvoor was op deze sectievergadering de tijd veel te kort geweest. Met deze oproep aan de coördinator van de volgende sectievergadering werd de vergadering gesloten.
(W. Lagerwey)