[‘Ryck Godt wie sal ick claghen’]
Een gheestelijck Liedeken op die wijse: Rijc Godt wien sal icx
claghen.
- Ryck Godt wie sal ick claghen
- Mijn sondich leuen quaet
- Dwelc ghij mij doet mishaghen
- Mijn hope mijn toeuerlaet
- Hoe dat ick heb verlaten
- V ghenaden seer soet
[p. clxiij]
-
- O Heer compt mij te baten
- In druck, en teghenspoet.
-
- Eens iaers stont ick int herte
- Van sinte Ignatius goet
- Maer nv mijn sondich herte
- Treet v gratie onder de voet
- Dies roep ick heer ghenade
- Verleent mij berou certeyn
- Ende en wilt mij niet versmaden
- Maer maect v hantwerck reyn.
-
- Met trouwen lieue Heere wilt hooren
- Met Dauid mijn innich ghebet
- Keert v gramschap ende thoren
- Suyuert mijn siele die is besmet
- In sonden ben ick ontfanghen
- Door Adams eerste misdaet
- Vergeeft mijn sondich verstrangen
- Onsen eenigen aduocaet.
-
- Och goet ghij doet mij quelen
- Dat ick v hebbe misbruyckt
- Wee die daer naer Gods beuelen
- Caritatich niet en ontpluyct
- Maer rucken plucken en teesen
- Opstinatich seer versteent
- Liefde, tgoet van weduwen en weesen
- Bloet gierich hongerich vercleent.
-
- Wat dinghen heb ick bedreuen
- Van mijnen ionghen tijt
- Mij seluen ghegheuen
- Tot gulsicheyt, haet ende nijt
[p. clxiiij]
-
- Mijn quaet is sonder gronden
- Ter deuchden ben ick ongereet
- O Heer allen mijn sonden
- Die sijn mij van herten leet.
-
- Al ben ic nv bedroghen
- En schuldich die eewige doot
- O Heer wilt ouer mij toghen
- V ontfermherticheyt groot
- Sonder v heere alleene
- So blijf ic int eewich verdriet
- Iesus van Nazareene
- Met ghenade mij aensiet.
-
- Ten hadde mij niet ghespeten
- Had ick uwen wille niet ghekent
- Eylaci tsal mij sijn verweten
- Door v Godtheyt excellent
- Int oordeel daer sal snijden
- V woort als messen sier
- Seggende den vermalendyden
- Gaet van mij int eewich vier.
-
- Loff reyn creatuere
- Van mijnder ioncheyt aen
- Eylacen tvalt mij soo suere
- Dat ick oyt quaet began
- Vernieut mij in woorden in wercken
- Dat ick mach houden v gebot
- Wilt mij in uwe wegen stercken
- Dat bid ic v mijn Heere mijn Godt.
|