terug  begin  verder

II. Verslag van de secretaris

Het aantal gewone leden van de Maatschappij bedroeg op 19 juni 1030, waarvan 236 buitenlandse. Sedert de vorige jaarvergadering ontvielen haar door de dood het erelid De Vooys, benevens 21 gewone leden, terwijl 4 leden in de loop van het jaar hebben bedankt, t.w. de heren Van Asbeck, Coetzee, Kerkwijk en Van Schagen. Eén lid, dat enkele jaren geleden had bedankt, is weer toegetreden, t.w. de heer S. van Praag.

De 29 nieuwe leden door de jaarvergadering van 14 juni 1955 benoemd, hebben allen hun benoeming aanvaard. Krachtens het op diezelfde jaarvergadering gewijzigde artikel 15 der Wet heeft het bestuur gedurende het afgelopen verenigingsjaar 17 nieuwe leden benoemd, t.w. de heren Diericks, Franck, Harris, Van der Heyden, Holmes, Klooster, Korteweg, Meischke, H. Meyer, L. Meyer, Van de Merwe, Noterdaeme, Oolbekkink, Oosterhof, Reyers, Scheepens en De Witte.

Krachtens besluit van de jaarvergadering werd in het bestuur de plaats van de heer Minderaa ingenomen door de heer Stutterheim, van de heer Van der Veen door Mevr. Laman Trip-De Beaufort, terwijl de heer Kessen werd herbenoemd en de heer Kamphuis definitief de plaats van de heer Van Eysselsteyn in het bestuur ging bezetten. In de vacature ontstaan door het tussentijds bedanken van de heer Den Haan werd voorlopig voorzien door de benoeming van Mej. Aleida Schot. Voor de bestuursvergaderingen werd wederom met dankbaarheid gebruik gemaakt van de gastvrijheid van de bibliothecaris.

Het Register op de Levensberichten in het vorige jaarverslag in uitzicht gesteld is thans in druk en zal de leden nog in de loop van dit kalenderjaar worden toegezonden. Met dankbaarheid kan voorts melding worden gemaakt van een subsidie ten behoeve van het Jaarboek 1955-'56 ten bedrage van ƒ 2000.-, toegekend door de Ned. Organisatie voor Zuiver Wetenschappelijk Onderzoek. Dezelfde Organisatie subsidiëerde het Tijdschrift v. Ned. Taal- en Letterkunde met een bedrag van ƒ 600.-.

[p. 156]

De belangstelling der leden voor de maandelijkse vergaderingen is dit jaar vergeleken met het vorige gelukkig weer iets toegenomen, waarin het bestuur aanleiding vindt aan de oude traditie voorlopig nog niet te tornen. Er werden acht vergaderingen gehouden, waarvan zes in Leiden, één in Amsterdam en één in Antwerpen, t.w. op 14 october, 18 november en 16 december 1955 en op 20 januari, 17 februari, 16 maart, 20 april en 18 mei 1956. Zeven daarvan werden gepresideerd door de voorzitter, één door de bibliothecaris. Sprekers waren Prof. Dr H. Uyttersprot over ‘Paul van Ostaijen en zijn bundel ‘Bezette Stad’, de heren Dr L. Brummel en G. Schmook, resp. over ‘Het Nederlands Letterkundig Museum en Documentatiecentrum’ en ‘Het Archief en Museum voor het Vlaamse Cultuurleven’, Jhr. Prof. Dr P.J. van Winter over ‘Nederlandse nationale symbolen’, Prof. Dr H.G. Beyen over ‘Pompeii en de litteratuur’, Dr H.J. Prakke over ‘Stiefkinderen der Publicistiek’, J.F. Verbruggen over ‘De krijgskunst in de Zuidelijke Nederlanden in de 14e en 15e eeuw’ en Prof. Dr. D. Nauta over ‘De betekenis van Emden voor het Nederlandse Protestantisme der 16e eeuw’. Het aantal aanwezige leden bedroeg gemiddeld 23, het hoogste aantal was 41, het kleinste 14.

Van de activiteiten der Maatschappij naar buiten gedurende het afgelopen jaar mogen hier vermeld worden de besprekingen van de voorzitter met de ambassadeur van Mexico, Zijne Excellentie Dr Chavez, ter bevordering van de litteraire en algemeen-culturele uitwisseling tussen beide landen. De officiële inleiding daarvan vond plaats in een bijeenkomst in het Haagse Gemeente-museum op 8 maart 1956, gepresideerd door Z.K.H. Prins Bernhard, bij welke gelegenheid Z. Excell. Dr Chavez de Mexicaanse en de voorzitter de Nederlandse letterkunde in een beknopt overzicht behandelde. Namens het bestuur van de Maatschappij heeft voorts de secretaris zitting genomen in het Werk-Comité ter herdenking van Bilderdijk's geboortedag op 7 september en van Pieter Langendijk's sterfdag op 18 juli a.s. Van het bestuur maken behalve de secretaris nog de heren Kessen en Rüter deel uit van het Leidse Herdenkings-comité Bilderdijk. Bij de overbrenging der stoffelijke resten van Potgieter van de Wester- naar de Ooster-begraafplaats te Amsterdam en de herplaatsing der grafbedekking op 2 juni l.l. waarbij de marmeren buste, die tijdelijk in het Rijksmuseum was ondergebracht, zijn oorspronkelijke bestemming heeft teruggekregen, heeft de secretaris namens de Maatschappij deelgenomen aan de plechtige kranslegging op het nieuwe graf.

[p. 157]

De traditie getrouw heeft de voorzitter ook dit jaar zitting genomen in het comité ter inrichting van de Boekenweek en heeft hij de Maatschappij bij de opening daarvan op 24 februari l.l. vertegenwoordigd. De voorzitter was ook aanwezig bij de tweede uitreiking van de Nijhoffprijs door het Prins Bernhard-fonds op 26 januari l.l. aan ons lid de heer Holmes en evenzo bij de officiële toekenning van de P.C. Hooft-prijs aan ons erelid de heer Roland Holst op woensdag 16 mei d.a.v. Als voorzitter der Maatschappij heeft de heer Stutterheim ook aangezeten aan het galadiner in het Amstel-hotel te Amsterdam, ter gelegenheid van het 75-jarig bestaan van de Kon. Nederlandse Uitgeversbond op 25 october 1955. Tijdens de receptie terzelfder plaatse op 26 october, bijgewoond door de secretaris en de bibliothecaris, heeft de laatste de gelukwensen van het bestuur overgebracht en mededeling gedaan van de benoeming van de heer Franck, secretaris van de Kon. Ned. Uitgeversbond, tot lid der Maatschappij. Bij de viering van het 50-jarig bestaan van de Vereniging van Letterkundigen op 19 november 1955 en die van het 10-jarig bestaan van de Federatie van beroepsverenigingen van kunstenaars waren resp. de secretaris en de voorzitter als vertegenwoordigers van het bestuur aanwezig. Mede in zijn hoedanigheid van lid der Zuid-Afrika-commissie heeft de secretaris deelgenomen aan de herdenking van het 75-jarig bestaan van de Nederlands Zuid-Afrika Vereniging op 26 mei l.l.

Het contact met de beide afdelingen werd ook dit jaar evenals het vorige onderhouden door het optreden van de heren Jongkees en Moormann, als vertegenwoordigers in het bestuur resp. voor de N. en de Z.O. tak. Het bestuur verheugt zich in de voortgaande bloei van de eerste en de ernstige pogingen tot herstel van de laatste afdeling. Het bestuur betreurt daarentegen de nog steeds geringe activiteit van de commissie ter behartiging van de belangen der Belgische leden. De in Antwerpen belegde vergadering - overigens de slechtst bezochte van de acht - heeft die activiteit helaas evenmin noemenswaard kunnen stimuleren.

De betrekkingen met Zuid-Afrika bleven ook gedurende het afgelopen verenigingsjaar van de meest aangename aard. De heer Oudschans Dentz - tijdens een medische behandeling op voortreffelijke wijze door zijn dochter vervangen - liet voor en na zijn toegewijde zorgen over de Zuidafrikaanse afdeling gaan, waarvoor het bestuur hem gaarne ook op deze plaats dank zegt. Van het bezoek van Prof. Van den Heever

[p. 158]

aan ons land heeft inzonderheid de bibliothecaris kunnen profiteren door het leggen van vruchtbare contacten ter aanvulling en completering van het bezit der Maatschappij aan Zuidafrikaanse literatuur.

Tot besluit wenst de secretaris er bij de leden nogmaals met klem op aan te dringen hem van alle adreswijzigingen - ook van tijdelijke aard - onverwijld op de hoogte te stellen. Het opsporen van de juiste adressen blijft elk jaar onnodig veel moeite en kosten veroorzaken.

terug  begin  verder