Neerlandia. Jaargang 26


auteur: [tijdschrift] Neerlandia


bron: Neerlandia. Jaargang 26. Geuze & Co, Dordrecht 1922


verantwoording

inhoudsopgave

doorzoek de hele tekst


downloads



DBNL vignet


 i.s.m. 

Overzicht der Hoofdbestuursvergadering van 4 Februari te 's-Gravenhage.

Aanwezig: de heeren P.J. de Kanter, Voorzitter; Jhr. Mr. J.L W C. von Weiler, Onder-voorzitter; Mr. B. de Gaay Fortman, Secretaris-Penningmeester; Ch.R. Bakhuizen v.d. Brink, J.S.C. Kasteleyn, Dr. W. van Lingen, Kapt. K.E. Oudendijk, Mr. K.M. Phaff, C. Statius Muller, Th.G.G. Valette en C. van Son, Administrateur.

De Voorzitter opent de vergadering met een woord van welkom aan het nieuwe lid, den heer Phaff, vertegenwoordiger van Groep Nederland. De Voorzitter is ervan overtuigd, dat de heer Phaff zijn beste krachten zal inspannen om ertoe mede te werken, dat het A.N.V. in een goede richting wordt geleid.

De heer Phaff betuigt zijn dank voor die woorden en verzekert, dat hij zijn beste krachten aan het welzijn van het A.N.V. zal geven.

De Voorzitter wijdt nu eenige woorden van erkentelijkheid aan de leden, die uit het Hoofdbestuur zijn getreden, n.l. Mevr. Veen-Brons en Generaal Schönstedt. Besloten wordt aan beiden namens het Hoofdbestuur een brief te schrijven om hen te bedanken voor het vele, dat zij voor het A.N.V. hebben gedaan.

Punt I. De notulen der vorige vergadering worden goedgekeurd.

Punt II. Samenwerking met den Bond van Nederl. Vrijwillige Burgerwachten en den Nederl. Bond voor Lichamelijke Opvoeding.

De Voorzitter deelt mede, dat het Dag. Bestuur een brief heeft ontvangen van het Bestuur van den Bond van Nederl. Vrijwillige Burgerwachten, behelzende een uitnoodiging voor het houden van een bespreking over de mogelijkheid van samenwerking met het A.N.V. voor het voeren van een krachtige nationale propaganda in ons land. Het Dag. Bestuur stelt voor op het denkbeeld propaganda in te gaan en deze overeenkomstig het verzoek van den Bond voorloopig in handen van het Hoofdbestuur te houden, om later te overwegen of deze arbeid mogelijk beter aan Groep Nederland kan en moet worden toevertrouwd.

Na eenige gedachtenwisseling wordt in dien geest besloten.

De Voorzitter deelt in verband met deze verkregen samenwerking nog mede, dat het Dagelijksch Bestuur voortgaat te trachten nauwer aansluiting te verkrijgen met andere instellingen, eveneens werkende op nationaal gebied. Thans zal onderzocht worden de wenschelijkheid en mogelijkheid van samensmelting der organen van die instellingen en een proef worden genomen met periodieke samenkomsten van de voorzitters en secretarissen.

De vergadering betuigt hiermede haar instemming.

Punt III. De herdenking van het 25-jarig bestaan van het Verbond (Mei 1923).

De Voorzitter deelt mede, dat de Commissie van voorbereiding der viering van het 25-jarig bestaan het denkbeeld heeft geopperd, de feestelijkheden te Dordrecht te doen plaats vinden.

Tegen de keuze dezer stad worden verschillende bezwaren geopperd. Het A.N.V. moet zijn feest vieren op een zoo ruim mogelijk terrein met medewerking van verscheiden kringen. De kans daarop wordt grooter geacht in Den Haag of Amsterdam.

Na eenige bespreking wordt Amsterdam gekozen.

Ten slotte keurt de vergadering het denkbeeld goed om de tentoonstelling van het A.N.V. zoo mogelijk ook in samenwerking met het plan-Van der Ven te Arnhem te houden.

Punt IV. De toestand der Boeken-Commissie.

De Voorzitter zegt dat de Boeken-Commissie den laatsten tijd meermalen een punt van bespreking in het Dag. Bestuur heeft uitgemaakt in verband met het stilleggen der werkzaamheden tengevolge van geldgebrek. Het D.B. stelt voor den heer Van Everdingen nogmaals te schrijven dat desnoods met halve kracht doorwerken beter is dan niets doen, waardoor de organisatie noodwendig moet verloopen.

Eenige leden vragen inlichtingen over de verhouding der Boeken-Commissie tot het Hoofdbestuur.

De Voorzitter antwoordt dat de Boeken-Commissie een instelling is van het A.N.V. en dus aan het Hoofdbestuur de beslissing komt over ingrijpende maatregelen.

De vergadering machtigt het D.B. stappen te doen om de B.C. weer in gang te zetten.

Punt V. De toestand van Groep Nederland. Bestuurswisseling.

De Voorzitter herinnert eraan dat van het Hoofdbestuur meermalen brieven aan het Groepsbestuur zijn uitgegaan

[p. 33]

om de Groep tot betere organisatie en verhoogde werkzaamheid te brengen. Zoolang de leiding niet in handen is van zeer invloedrijke werkzame personen, zal weinig worden bereikt. Mr. Phaff heeft toegezegd als tijdelijk voorzitter daartoe pogingen aan te wenden, vooral om een goed krachtig voorzitter te krijgen en is daarvoor al werkzaam.

Punt VI. Voorstel van Kapt. Oudendijk:

De vergadering drage aan het Dag. Bestuur op een brief, in den geest van den navolgenden, te richten tot de besturen der opnieuw gevormde afdeelingen (Takken) van het A.N.V. in Vlaanderen en tot hen, die in Vlaanderen voor de herleving van het A.N.V. werken:

‘De Groep Nederland acht het voor de vervulling van haar taak noodig, dat haar reglement grondig worde herzien. Zij wil daartoe evenwel niet overgaan, voordat de herziening van de Bondsstatuten, die reeds sedert 1916 aanhangig is, haar beslag heeft gekregen. Het Bestuur van Groep Nederland acht het evenwel met het oog op den toestand van de Groep noodzakelijk, dat de reglementsherziening zoo spoedig doenlijk plaats vinde.

Het H.B. is eveneens van meening, dat de herziening der statuten spoedig moet plaats vinden, evenwel zoo eenigszins mogelijk met medewerking van de Vlaamsche groep. In verband hiermede geven wij U in overweging, het daarheen te leiden, dat Uw Groep zóó spoedig, zij het ook slechts met enkele takken, weer is opgericht, dat uiterlijk den...... vertegenwoordigers van Uw Groep in het H.B. aan de herziening der statuten kunnen medewerken.’

De Voorzitter verwondert zich eenigszins over het feit, dat dit voorstel van den heer Oudendijk komt, daar deze juist in de vergadering van 5 November 1921, nadat de 2e lezing der nieuw ontworpen statuten in behandeling was genomen, opschorting had voorgesteld om de Vlamingen alsnog gelegenheid te geven na de te verwachten heroprichting der Groep aandeel in de statutenwijziging te kunnen nemen. Het D.B. ontraadt het stellen van een termijn, daar alleen tak Brussel wederom goed is georganiseerd. De Groepsvorming forceeren zou het A.N.V. voor goed schade doen. Het moet een vereenigingspunt worden voor alle Vlamingen die cultureel met Nederland willen samenwerken en daarvoor moeten de invloedrijkste mannen aan het hoofd komen en de leiding nemen. Wij moeten dus afwachten. Niets belet intusschen Groep Nederland haar reglement naar onmiddellijke behoeften te herzien.

De heer Oudendijk licht zijn voorstel toe. Het heeft geen andere bedoeling dan de stemming van de laatste Groepsraadsvergadering tot uiting te brengen. De gedachtenwisseling was daar verward en spr. zag in een motie der Afd. Rotterdam een veronachtzaming der Vlaamsche belangen. Na hetgeen door den voorzitter in het midden is gebracht, trekt spr. zijn voorstel in. Men weet dat spr. meer hecht aan krachtig werkende besturen dan mooie reglementen. Dat de hinderende bepalingen van het Groepsreglement kunnen worden onschadelijk gemaakt, blijkt uit het voorstel Den Haag, waardoor de dure bijeenkomsten van den Groepsraad voor 1922 tot één zijn teruggebracht.

De Voorzitter dringt er, wat Groep Nederland betreft, nog op aan, dat krachtig een gezonde reorganisatie ter hand worde genomen: Afdeelingen alleen daar waar een opgewekt plaatselijk verbondsleven mogelijk blijkt, de andere opheffen, vooral werken met vertegenwoordigers in verschillende centra van het land en een of meer propagandisten, die met voordrachten, films en dergelijke door het land trekken.

De heer Phaff erkent dat dit er op papier mooi uitziet, maar de werkelijkheid is anders. Belangstelling wekken en leden werven - spr. heeft het bij ondervinding geleerd - is in dezen tijd vooral heel moeilijk en de propaganda, zooals de voorzitter zich die denkt, is vóór alles een kwestie van geld, dat er niet is. Toch zal spr. als tijdelijk Groepsvoorzitter in de gewenschte richting sturen.

De Voorzitter wijst erop, dat, als volgens zijn denkbeeld wordt gewerkt, het Groepsbestuur over ruimer middelen zal beschikken.

Punt VII. Vlaanderen.

Mededeelingen van Tak Brussel.

Deze tak heeft 13 Januari een welgeslaagde jaarvergadering gehouden. Als voorzitter is gekozen de heer Omer Wattez. Alles wijst er op dat het Bestuur van dezen tak de herleving van het A.N.V. in Vlaanderen in de goede baan leidt. Het heeft om de film Nederland gevraagd en het D.B. zal trachten in dezen zijn medewerking te verleenen.

Punt VIII. Groep Ned. Indië.

De verbetering van den toestand. Maatregelen voor nieuwe organisatie.

De Voorzitter deelt mede, dat er een aanmerkelijke verbetering in den toestand is ingetreden. Een groot gedeelte van de afdracht is binnengekomen en er is weer geregelde verbinding verkregen.

Punt IX. Groep Suriname.

Steun voor de vervaardiging van een film over deze kolonie.

De Voorzitter deelt mede, dat ook bij het D.B. een uiteenzetting van het plan is ingekomen. Het stelt om het belang voor de meerdere bekendheid der Kolonie voor, de onderneming met een bedrag van f 100.- te steunen.

Aangenomen.

Punt X. Buitenland.

1.Onderhoud met onzen Gezant te Washington, over de vorming van een Groep Noord-Amerika.
De Voorzitter deelt mede dat de Gezant zijn steun voor het plan heeft toegezegd.
2.Keulen. Verzoek van den heer Vertin om medewerking voor een filmvertooning betreffende Nederland.
Medewerking in overleg met onze afdeeling is toegezegd.
3.Constantinopel. Benoeming van den heer H. Goemans tot Vertegenwoordiger in de plaats van den heer J.H. Kramers.
Goedgekeurd.
4.La Guaira. De heer Duwaer, vertegenwoordiger te Maracaibo, heeft voorgesteld den heer A.J.F. de Veer tot vertegenwoordiger te benoemen in plaats van den heer I.J. de Hart, die is verhuisd.
Goedgekeurd.
5.Argentinië. Pogingen tot oprichting eener Zelfstandige Afdeeling.

De Voorzitter deelt mede dat het D.B. pogingen aanwendt om de Nederlanders in Zuid-Amerika te vereenigen en zich daarvoor o.m. tot den Ned. consul-generaal en onze vertegenwoordigers daar heeft gewend, benevens tot de red. van het sedert eenigen tijd verschijnend Weekblad Nederland te Buenos Aires.