[p. 235]
Schilderstudie.
Regen in 't stadje
.
Zacht in het vochte regenvlies vervloeid,
Staan plans van natte kleur, met stille, pure
Kontoeren: donkerfonklend ookre muren
En daakjes van karmijnrood, dat hel gloeit
Bij 't fijne grijs der lucht die klammig broeit.
De scheeve dake' en waggelende muren
Glibbren van gave glanzende glazuren,
Door zacht langdurig reegnen neergesproeid -
Dat wou 'k, als in email, dun opgeleid,
Aaneengevoegd uit heel voorname kleuren,
Geschilderd zien met veel nauwlettendheid.
Dan zou ik 't laten kijken aan mijn vrinden,
Die zou'n aandachtig komen zien en 't keuren,
En 't net als ik een mooi oud straatje vinden. -