terug  begin  verderprepost

De uitreiking van de Lucy B. en C.W. van der Hoogt-prijs 1984 aan Thomas Rosenboom

Zaterdag 9 februari werd in het Amsterdamse Odeontheater de Lucy B. en C.W. van der Hoogt-prijs 1984 uitgereikt aan Thomas Rosenboom voor zijn in 1983 verschenen verhalenbundel De mensen thuis. De jeugdige bekroonde had een schare jonge bezoekers aangetrokken en daarmee weerlegde de Maatschappij die middag de indruk als zou zij een bedaagde instelling zijn. Noemde Bert Voeten in het aardige Nieuwjaarsgeschenkje van uitgeverij Bert Bakker (Zeven brieven aan Bert Bakker senior) de Maatschappij nog ‘de stichting aderverkalking’ en het bestuur regenten van een ‘literair oude lieden gesticht’, deze feestmiddag werd die aantijging met voeten getreden.

Vier jonge auteurs speelden Een kleine odyssee die leven en werken van Rosenboom moesten verbeelden. De kleine Thomas werd uitgebeeld in kniebroek met blozende appelwangen. Zes eveneens aan het begin van hun carrière staande tonelisten beoefenden Een kleine zang; een muzikaal optreden met speelse verwijzingen naar de bekroonde schrijver.

Het werd die middag duidelijk dat Thomas Rosenboom, die zelf het programma bepaalde, gaarne in speelse kringen verkeert. Hoe jeugdig ook, ernst kan men de schrijver niet ontzeggen. In zijn bevlogen dankwoord sprak Rosenboom over de bronnen waaruit de verhalenschrijver kan scheppen. Hij ging vooral dieper

[p. 16]



illustratie
foto: A.J. Korteweg

in op het probleem van de ‘ontlening’. Een schrijver kan straffeloos verhaalstof ontlenen aan de eigen fantasie, de eigen ervaring, de geschiedenis en de klassieke literatuur, maar gebruikt hij de niet-klassieke literatuur als bron dan is dat hachelijker omdat hij dan de verdenking van plagiaat op zich ‘trekt’. Even dachten de toehoorders dat Rosenboom inging op de kritische kanttekening (naast alle lof) van de jury dat hij een ‘te gretige lust tot imiteren’ zou hebben; maar dit was schijn. Rosenboom lanceerde een nieuw plan waarmee hij de kwestie van plagiaat origineel benaderde. Hij stelde een scheiding voor tussen literair componeren en literair uitvoeren. Schrijvers die vooral met een uitvoerend talent zijn gezegend zouden in eer en geweten een roman-idee kunnen kopen bij een soort Buma-Stemra kantoor.

Het dankwoord zal als Voor het verstand, om mee te spelen, in De Revisor en in het jaarboek van de Maatschappij verschijnen.

Vice-voorzitter R. van der Paardt overhandigde de bekroonde oorkonde, legpenning en enveloppe. Het was de laatste keer dat de Van der Hoogt-prijs duizend gulden bedroeg, volgend jaar zal de enveloppe drie maal zwaarder zijn.

 

A. van Dis

prepostterug  begin  verder