Het Offer des Heeren


auteur: anoniem Het Offer des Heeren


editeur: S. Cramer


bron: S. Cramer (ed.), Het Offer des Heeren. Bibliotheca Reformatica Neerlandica, deel II . Martinus Nijhoff, Den Haag 1904  


verantwoording

inhoudsopgave

doorzoek de hele tekst


downloads



DBNL vignet

[Register]

§ * Een Register van dit voorgaende Liedtboecxken.

 

Vant bitter lijden Christi ootmoedich: Van tlijden ons Heeren Jesu Christi. Fol. 1.
Verhuecht v Gods kinderen alle tijt: Van Frans van Boelsweert. Fol. 3.
Droefheyt wil ick nv laten staen: Van twee Joffrouwen van Beckom. Fol. 5.
Doenmen vijftienhondert schreue: Van vijf vrienden, opgeoffert te Gent. Fol. 8.
Ick sal met vruechden singhen een Liedt: Van drie vrienden, gedoot tot Antwerpen. Fol. 11.
Ick mach wel droeffelijck singen: Van vijf vrienden, gedoot tot Leyden. Fol. 13.
Ghy Christen altesamen: Van Dauid ende Leuina, opgeoffert te Gent. Fol. 15.
Alsmen schreef vijfthienhondert iaer: Van Gielis ende Lijsbeth. Fol. 17.
O Godt ick moet v claghen: Van Joos verbeeck, tot Antwerpen leuende verbrandt. Fol. 18.
Een nieuwe Liet // vaet dit bediet: Van Willem cleermaker. Fol. 21.
In bitterheyt der sielen: Van een vrient tot vueren deerlijck onthooft. Fol. 23.
Hoort vrienden, ick schenck v een liet: Van Jan Jansz Brant. Fol. 24.
Verhuecht verblijdt groot ende cleyn: Van een ionghe Maecht, genaemt Janneken. Fol. 25.

[p. 617]origineel

Ick moet een liet beghinnen: Van twaelf vrienden, gedoot te Gent. Fol. 26.
O Heere God eewich Vader verheuen: Van Goris ende Joachim. Fol. 28.
Aenhoort Godt Hemelsche Vader: Van tweentseuentich vrienden. Fol. 30. //
* Alsmen schreef duyst vijfhondert: Van vier vrienden, gebrant te Lier. Fol. 32.
Eylaes ick mach wel suchten: Van vier vrienden, te Leyden opgeoffert. Fol. 37.
Babels Raets Mandamenten: Van ses vrou persoonen, tot Antwerpen gedoot. Fol. 38.
Hoort vrienden al // hier in dit aertsche dal: Van Jorian en Clement. Fol. 40.
Alsmen schreef duyst vijfhondert eenentsestich Jaer: Van Calleken strincx. Fol. 42.
Een eewighe vruecht die niet en vergaet: Van vrage ende Antwoort. Fol. 44.
Geroert ben ick van binnen: Van sommige geuangenen tot Yper. Fol. 48.
Och siet hoe droeue dingen: Van Jacques, hoe hy verraden wert. Fol. 50.
O Heer Godt ick mach wel claghen: Van Jan Schut, geuanghen zijnde te Vreen. Fol. 52.

 

§ Ghedruckt in het Jaer ons Heeren, M.CCCCC.LXX.