terug  begin  verderprepost
[p. 70]origineel

Over de auteurs

Jana Beranová '35

vertaalde een groot deel van het oeuvre van Milan Kundera in het Nederlands. De laatste tijd trekt ze meer tijd uit voor haar eigen poëzie. Zo nam ze onlangs deel aan het project ‘Maas, een rivier’ door galerie/uitgeverij Reinart uit Oss, met negen andere dichters en tien beeldend kunstenaars. In het voorjaar van 1996 verscheen de bundel Kiskassend gedicht bij uitgeverij De Geus.

 

Yorgos Dalman '73

is een gewezen fokker van nachtmerries en thans part-time lid en oprichter van de V.Z.Z. (Vereniging Zonder Zingevend-oogmerk). Hij is tomeloos publicist van vele publicaties die zich laten kenmerken door van alles en nog niets. Zie daarvoor zijn laatste prestaties in de meest recente Weirdo's en Mosselvocht 11. Sinds december vorig jaar is hij van dit laatstgenoemde tijdschrift redacteur. Zijn motto is: Leve Nederland en het koningshuis!

 

Harmen Lustig '66

is oprichter van Mosselvocht en trad afgelopen zomer toe tot de redactie van Zoetermeer, toen het blad door interne strubbelingen en lange tenengezeik ten onder dreigde te gaan. Lustig beklimt graag podia. De kale voordracht is hem wat erg kaal, vandaar dat hij zich laat begeleiden door muzikanten. Stukken proza en prozagedichten wisselen elkaar af in een theatraal programma dat naadloos overloopt in een dansfeest met dj's. Hij schreef de Romans Wit licht (1995) en Schelle hel. De laatste roman zal in het najaar van 1997 worden gepubliceerd.

 

Erik Nout '46

woont in Rotterdam en werkt bij de Dienst Stedelijk Onderwijs waar hij zich bezighoudt met het ontwerpen van een internet-side. Toch vindt hij internet im Grunde genommen incestueus: media over media in media etc. Nout schrijft voornamelijk poëzie, maar op zolder liggen ook reeds twee half afgeronde romans. Tot voor kort schreef hij de

[p. 71]origineel

column Filesofietjes in de Rotterdamse Straatkrant.

 

Klara Smeets '76

schrijft sinds twee jaar gedichten en speelt al van jongs af aan toneel. Haar voorliefde voor het toneel dreef haar tot het schrijven van meerdere familie- en straatstukken. Zo schreef zij in 1996 in opdracht van het Centrum Amateurkunst het straattoneelstuk Vrouwe gebrek en haar drie minnaars. Dit was in het kader van het 200 jarig bestaan van Brabant. Klara Smeets studeert maatschappijgeschiedenis aan de Erasmus Universiteit Rotterdam. Het gedicht ‘Boven Malang’ is haar eerste publicatie in een literair tijdschrift.

 

Giel van Strien '65

is politicoloog van origine, werkte ooit als journalist in de provincie, maar is tegenwoordig zeer actief in het letterencircuit van Rotterdam. Zijn voorkeur gaat uit naar het schrijven van betogende stukken als columns en artikelen. Daarnaast wijdt hij zich graag aan het schrijven van polemische brieven en zijn geheime dagboek over de opkomst en ondergang van een literair tijdschrift. Hij is goed bevriend met Peter Swanborn sinds deze regelmatig whisky in huis haalt.

 

Peter Swanborn '63

is dichter, essayist en criticus. Zijn werkwijze is degelijk, zijn taal esthetisch en zijn standpunten aanvechtbaar. Het tijdschrift Parmentier publiceert binnenkort zijn ‘Bekentenissen van een souffleur’.

 

Thomas Verbogt '52

schrijft romans, toneelstukken en verhalen die onder andere werden verzameld in de recente verhalenbundels Geen danstype (1995) en Gebroken glimlach (1996). Hij werkt voor de VPRO-radio en is columnist van De Gelderlander. Onlangs verhuisde Verbogt naar Rotterdam, waar hij direct actief in het letterencircuit is geworden.

 

Kees Versteeg '59

is een gewezen jurist en journalist, en komt op voor de autochtone arme meerderheid in Rotterdam. Onlangs beleefde hij op het toilet van Giel van Strien zijn eerste televisie-optreden. Versteeg benadrukte zijn visie op de vergankelijkheid door zijn aforismen tijdens de opname te bedenken, op te schrijven, voor te lezen en vervolgens door het toilet te spoelen. Goed nieuws voor zijn fans: onlangs verklaarde hij in de Rotterdamse Straatkrant zijn zelfmoord uit te stellen tot het komend najaar.

 

Rien Vroegindeweij '44

publiceerde in de loop der jaren meerdere dichtbundels en startte in de jaren zeventig samen met Eddy Elsdijk en Leyn Leijnse de Rotterdamse poëziewinkel Woutertje Pieterse. Op dit moment is hij vooral bekend van zijn columns in het Rotterdams Dagblad. Hij werkte o.a. mee aan het nulnummer van het cultureel periodiek Transito. Van een verdere betrokkenheid bij dit tijdschrift zal het echter niet komen, want onlangs besloot Vroegindeweij de redactie te verlaten.

 

Redactie: Bert Heemskerk

 

Rectificatie:

In het vorige nummer is een fout geslopen. De gedichtencyclus van Theo Verhaar werd door de redactie per abuis ‘Nawekken’ genoemd. Dit moet uiteraard ‘Nawakker’ zijn.

[p. 72]origineel

[Advertentie]

[p. 73]origineel

[Advertentie]



illustratie

[p. 74]origineel


illustratie

[p. 75]origineel


illustratie

prepostterug  begin  verder