i.s.m.
[p. 58]
origineel
Geen brief
Er is nog steeds geen brief van jou
en wachten is verloren tijd;
waarschijnlijk ben je afgeleid
door het wuiven van de palmen
en de jongens op het strand.
Soms lees ik in de ochtendkrant
dat je wel bent begonnen aan die brief,
althans, als ik me niet vergis,
alvast een ansicht hebt gekocht
en bent gaan zitten in het warme zand,
maar steeds gaat er iets anders mis -
de zon droogt alle pennen uit,
de wind ontvoert de kaart naar zee,
zout water wist de woorden weg
en spuugt de resten op de kant.
Hier kruipt de vorst al in de grond;
de dagen worden kort en grauw,
de nachten kouder - elke ochtend
blijft de deurmat langer leeg
en weer is er geen brief van jou.
[p. 59]
origineel
Hart voor steen
Voor Menno Wigman
Vliegende kameleons en vlinders
die van kleur verschieten,
jonge goden met te veel talent
voor de verkeerde dingen,
- wanhoop, twijfel, duizelingen -
dat is het probleem met ons.
De plundering van hunkering
in onverwachte meisjesogen
valt voortdurend zwaarder
dan verwacht - één nacht
van scherp genot is goed
voor weken zelfverwijt.
Het oud recept van angst tot spijt
en alles ligt weer door elkaar;
liefde als je dood bedoelt,
lachen door je tranen heen
en drinken tot je niets meer voelt -
steen voor hart en hart voor steen.
[p. 60]
origineel
Nocturne
De sterren zijn met veel, vanavond.
Grote ogen in de nacht;
een meisje zwiert haar rok tot bloemen
op een dansfeest aan de gracht.
Een jongen wankelt door de stad.
Zijn benen slepen uit de maat.
De stoep ligt slordig langs de straat.
Hij heeft zijn flessen leeggedacht.
Hij is zijn mooiste woorden kwijt
en niemand die zijn pijn begrijpt;
zij danst met sterren in het haar
en hij - een slechte goochelaar
die stram naar vallend herfstblad grijpt
en briefjes post aan de oneindigheid.
[p. 61]
origineel
Adieu
Het wordt tijd om weg te gaan
en deze schim met rust te laten,
zeg ik. Hoor je? Pak je jas,
verdwijn, en laat de deuren slaan.
Het geeft niet wat we praten;
de planeten volgen stug hun baan,
de sterren, maan en nevels
blijven rustig aan de hemel staan.
Dus ga en laat me slapen;
Ik ben moe van al dit waken
op ons nooit gevierde feest.
Ik zeg je: het is mooi geweest,
meer kunnen we er niet van maken,
klem je kaken op elkaar en ga.
Ingmar Heytze