[p. t.o. 3]
origineel
[p. 3]
origineel
De lepelmaker
.
‘
L
epels, naar de laatste mode,
Zoo van maaksel, als van maat,
Giet ik,’ - zegt de
lepelmaker
, -
‘Zonder omslag, op de straat. -
'k Zit slechts voor het huis des Burgers,
Die mij met zijn gunst vereert,
En ik maak hem vlugtig lepels,
Groot, of klein, zoo men 't begeert. -’
Dan, geeft deze wijs van werken
Veel gerijflijks voor den een;
D'ander lijd, in zijnen winkel,
Daardoor zeker tegenheên. -