Raster. Jaargang 2002 (nrs. 97-100)


auteur: [tijdschrift] Raster


bron: Raster. Jaargang 2002 (nrs. 97-100). De Bezige Bij, Amsterdam 2001-2002


verantwoording

inhoudsopgave

doorzoek de hele tekst


downloads



DBNL vignet


 i.s.m. 
[p. 189]

Over de medewerkers

Bālavat - wat in het sanskriet zoiets betekent als: spelend wetend kind - is de naam waaronder deze Duitse beeldende kunstenaar al meer dan een kwarteeuw werkt: collages, objecten meestal begeleid door hoogserieuze of nonsensicale teksten. Voor zijn eenmansrichting heeft hij de noemer Supra-Avantgarde bedacht. Kunst doet hij er naar eigen zeggen bij, in de marge van filosofische en wiskundige beschouwingen. Dit jaar was er in Kassel een expositie van collages, die een geestig commentaar leken op de hoogdravende presentatie van de Documenta. Zo waren ze waarschijnlijk niet bedoeld; het was bovendien toeval dat hij in die stad exposeerde in dezelfde tijd als daar het visuele deel van Documenta xi gepresenteerd werd. Filosofische (zoals ‘Das seiende Nichts. Eine transontologische Überwindung des Nihilismus’ of ‘Die Lösung des Theodizee-Problems’ en wiskundige teksten zijn te vinden op www.balavat.de

 

Battus is het pseudoniem van H. Brandt Corstius waaronder hij o.m. publiceerde: Rekenen op taal (1983) Opperlandse taal- en letterkunde (1985) en Opperlans! (2001).

 

Paul Beers (1935) is vertaler. Hij vertaalde o.m. werk van Ingeborg Bachmann, Witold Gombrowicz, Peter Sloterdijk en Robert Menasse.

 

Jana Beranová is dichteres en vertaalster. Recente publicaties: Tussen de rivieren (poëzie, 1999)en Tussen aarde en hemel (poëzie, 2002).

Matthijs van Boxsel (1957) is schrijver. Hij is eindredacteur van De encyclopedie van de domheid. In 2001 verscheen Morosofie.

 

Dirk van Dalen (1932) studeerde wiskunde aan de Universiteit van Amsterdam. Hij was hoogleraar in de Geschiedenis van de logica en wijsbegeerte van de wiskunde aan de Universteit van Utrecht, en doceerde ook aan het mit en in Oxford. Hij is specialist in het intuïtionisme en biograaf van L.E.J. Brouwer.

 

F. van Dixhoorn (1950) is dichter. Hij publiceerde de dichtbundels jaagpad / zwaluwen vooruit (1994), armzwaai / grote keg / loodswezen I (1997) en takken molenwater / kastanje jo/ ... (2000).

 

Jan Eijkelboom (1926) is dichter en vertaler van poëzie van o.m. John Donne, Emily Dickinson en Derek Walcott. Recente publicaties: Het arsenaal (2000), Heden voelen mijn voeten zich goed (2002) en Tot zover. De meeste gedichten (2002).

 

Ernst Jünger (1895-2000) maakte naam met het verslag van zijn ervaringen aan het front in de Eerste Wereldoorlog: In Stahlgewittern (1920). Hij schreef een omvangrijk oeuvre, bestaande uit dagboeken, essays en romans. Op grond van publicaties uit de jaren '20 en '30 verwierf hij zich een omstreden reputatie. Tot zijn bekendste werk behoren o.a. Der Arbeiter (essay 1932), Auf den Marmorklippen (roman, 1939) en dagboeken als Strahlungen (1949)

[p. 190]

Martin de Haan (1966) is vertaler van Franse literatuur en recensent voor de Volkskrant. Hij vertaalde werk van onder meer Michel Houellebecq, Milan Kundera, Benjamin Constant, Denis Diderot en Raymond Queneau

 

Navid Kermani, geboren 1967 in Siegen, studeerde islamwetenschap, filosofie en theaterwetenschap in Keulen, Caïro en Bonn. Sinds 1998 docent Islamwetenschap aan de universiteit van Bonn, en sinds 2001 verbonden aan het Wissenschaftskolleg Berlin.. Publiceert veel, waaronder regelmatig in de faz en Lettre International. In boekvorm: Gott ist schön. Das ästhetische Erleben des Koran (1999), Iran. Die Revolution der Kinder (2001), Dynamik des Geistes. Martyrium, Islam und Nihilismus (2002) en Das Buch der von Neil Young getöteten (2002), en bijdragen aan diverse andere boeken.

 

Frans Kingma (1956) is werkzaam als fysicus aan de tu Delft. Eerdere verhalen van hem verschenen in de bundel De cyclus van het mes (1997).

 

Gerrit Krol (1934) werkte als computerprogrammeur eb systeemanalyst bij de Kon. Shell en de nam. Hij schreef een omvangrijk oeuvre, bestaand uit romans, verhalen, essays en poëzie. Enkele recente titels zijn De kleur van Groningen (poëzie, 1997), De oudste jongen (roman, 1998) en 60.000 uur. (autobiografie, 1998)

 

Piet Meeuse (1947) is schrijver en vertaler. Recente publicatie: Oud Nieuws (essays, 1999)

 

K. Michel (1958) Recente publicatie: Waterstudies (poëzie 1999)

 

Henk Moerdijk (Hilversum, 1966) studeerde Amerikanistiek aan de Universiteit van Amsterdam. Eerder dit jaar verscheen bij Cargo/ De Bezige Bij zijn vertaling van Petsinis' roman The French Mathematician (De Franse Wiskundige).

 

Tom Petsinis werd in 1953 geboren in Grieks Macedonië en groeide vanaf zijn zesde op in Melbourne, Australie. Hij schreef twee romans, Raising the Shadows en The French Mathematician. Ook schreef hij toneelstukken en poëzie (zie Raster 89). Hij doceert wiskunde aan de Victoria University of Technology.

 

Vasko Popa (1922-1991) werd geboren in Vršac, een stadje in voormalig Joegoslavië vlak bij de Roemeense grens. Later woonde hij in Belgrado. Hij geldt als de belangrijkste Servische dichter van de eeuw. In zijn poëzie combineert hij elementen van surrealisme en oude Servische mythen en volksverhalen. In Nederlande vertaling verscheen van hem Machine van woorden (1975), vertaald door Jana Beranová en Gedichten (1981), vertaald door Lela Zečković en Roel Schuyt.

 

Hans Ree (1944) is schaakgrootmeester en columnist van het NRC-Handelsblad. Hij studeerde in 1970 af in wiskunde aan de UvA. Recentelijk verscheen van hem God is niet koppig.

 

Riemer Reinsma is lexicograaf en publiceerde o.m. enkele synoniemenwoordenboeken. Hij is vast medewerker van het blad Onze Taal en hoofdredacteur van het blad Taal Actief. Volgend jaar verschijnt van zijn hand het taaladviesboek Soepel schrijven Lekker lezen.

 

Martin Reints (1950) is dichter en essayist. Recente publicaties: Dag- en nachtwerk (essays, 1998), Tussen de gebeurtenissen, poëzie, 2000)

 

Selma Schepel (1949) studeerde af in Semitische talen, met als hoofdvak Babylonisch spijkerschrift. Publicatie:

[p. 191]

Enuma elisj. Het baylonisch scheppingsverhaal (2002)

 

Charles Seife studeerde wiskunde aan de Yale University. Hij publiceerde in o.a. New Scientist, Scientific American en The Economist. In 2000 verscheen Zero. The biography of a dangerous idea.

 

Saskia J. Stuiveling (1945) is sinds 1999 president van de Algemene Rekenkamer. Zij studeerde bedrijfskunde in Rotterdam en was eerder o.m. lid van de Eerste Kamer voor de PvdA en staatssecretaris van Binnenlandse Zaken in het 2e kabinet Van Agt (1981-1982).

 

Willem van Toorn (1935). Recente publicaties: De rivier (1999), Haarlem station (novelle, 2000) en Gedichten 1960-1997 (poëzie 2001)