De Revisor. Jaargang 1


auteur: [tijdschrift] Revisor, De


bron: De Revisor. Jaargang 1. Athenaeum-Polak & Van Gennep, Amsterdam 1974


verantwoording

inhoudsopgave

doorzoek de hele tekst


downloads



DBNL vignet


 i.s.m. 
[p. 63]

Sonnet, opgedragen aan de Hooggeleerde Heer Prof. Dr. K.L. Poll, bijzonder Hoogleraar in de Natuur-Kunde

(pseudoniem voor J.M.W. Scheltema)

 
Kakelde Algje drie woorden, twee waren gelogen.
 
Kuste Algje ander Algje, liefde was dat niet!
 
Koud was Algje als een kistje, timmerde dicht
 
alle oprechtheid met heel veel kromme spijkers.
 
 
 
Brabbelen en domschrijven waren Algjes kunsten,
 
zoals een ander Apeoog kringetjes blaast of
 
goochelt of op de wielrennersfiets hardrijdt.
 
Algje was een spinnekop tot in de zeven heuvels.
 
 
 
Nu was Oud Apeoog Algjes tong spits en niet rood.
 
Nu was Oud Apeoog Algje op een uurtje na dood.
 
Algjes om zijn 1 na laatste kist houden zich groot.
 
 
 
‘Vrienden’, zei Algje met kunstmatige zachtheid
 
‘Algjes, omhels mij, want ojee, mijn kracht slijt’.
 
[Hij werd een polltergeist die door de zwarte nacht rijdt.]

Habakuk II De Balker