|
|
|
| |
| | | | | |
Aan den geachten ‘bestendigen lezer’ te N.
Weledele Heer!
Gaarne voldoe ik aan Uw verlangen, en geef ik de redenen op, waarom de Red. van den Taalgids ‘Sanskrit schrijft, en niet Sanskriet, gelijk men uitspreekt.’ Het geschiedt om getrouw te blijven aan het door de Redactie van het Wdb. d. N. T. aangenomen beginsel voor het schrijven van vreemde woorden; t. w. de oorspronkelijke spelling zooveel doenlijk in ons schrift terug te geven; vooral, wanneer eene noodelooze afwijking de aanleiding kan worden, dat men een verkeerden dunk opvat. Dit staat te vreezen, als men Sanskriet schrijft. Men denkt dan allicht, dat men te doen heeft met een woord, op het achtervoegsel -iet uitgaande, als Amalekiet, Edomiet, Israëliet enz., in welk geval Sanskriet de taal zou moeten zijn van een volk dat Sanskrieten heette, gelijk b.v. het Latijn, Engelsch en Fransch de talen zijn der Latijnen, Engelschen en Franschen. Zoo ik mij niet erg bedrieg, dan heeft de uitspraak Sanskriet aan zulk eene meening haar oorsprong te danken. Ofschoon nu die dwaling,
| | | |
zoo zij bestaat, wel nooit voor Kerk of Staat gevaarlijk zal worden, zoo heeft men toch aan verkeerde meeningen volstrekt niets, integendeel, zij zijn altijd in het eene of andere opzicht schadelijk. Heeft men eene opinie, welke dan ook; meent men iets te weten, dan is men tevreden en zoekt niet verder naar de waarheid, ja dan is men niet zelden voor de waarheid ontoegankelijk geworden. Men mag dus geene dwaling in de hand werken, zich niet den schijn geven van ze zelf ook te omhelzen; daarom spellen wij Sanskrit. - Het woord beteekent: versierd, afgewerkt, volmaakt; hetzelfde als fransch achevé in uitdrukkingen gelijk un ouvrage achevé, une beauté achevée. Het bestaat uit het bijvoeglijk naamwoord sam, in den zin van totus, integer (geheel, ongeschonden), en krita, verl. deelw. van kri, maken; de s is ingeschoven en heeft de verandering der m in n bewerkt, gelijk ook vóór andere met k beginnende stammen plaats heeft. De i wordt in krita en kri zoo kort en flauw mogelijk uitgesproken; daarom geeft men als voorbeeld voor de uitspraak de middelste lettergreep van eng. mèr-ri-ly op. Kri bestaat naar de zienswijze der Indische grammatici uit slechts twee letters: k en ri, en wordt ook met slechts twee letterteekens geschreven. De ri geldt bij hen voor een klinker, omdat daarbij dezelfde regels worden in acht genomen als bij de eigenlijke klinkers. Onze spelling Sanskrit is derhalve ook nog niet juist; maar zij is veeleer nog te zwaar dan te licht; sanskrt met een diacritisch teekentje onder of boven de r zou aan alle eischen voldoen. Intusschen is de spelling sanskrit, evenals die van wriddhi voor wrddhi, zooverre ik weet, algemeen aangenomen door hen, die zich met de studie van de taal der Brahmanen afgeven.
Wat de uitspraak sanskriet betreft, zij is, geloof ik, nog niet zóó algemeen, dat men aan verbetering zou behoeven te wanhopen. Het woord is niet erg populair, en de onlangs hier opgerichte leerstoel voor het Sanskrit en de vergelijkende taalstudie zal in dezen wel het zijne doen, en aan de goede uitspraak de overhand bezorgen.
| | | |
Door het bovenstaande hoop ik aan Uw verlangen voldaan en tevens de Redactie gerechtvaardigd te hebben. Vergun mij, met de verzekering van mijne hoogachting, U tevens die van mijne bereidwilligheid tot het geven van meer dergelijke inlichtingen aan te bieden.
Leiden.
UWEd. dienstv. dienaar,
L.A. te Winkel.
| | Suikerij.
Antwoord op de vraag: Waarom schrijft de Redactie van het Wdb. d. Ned. Taal het woord suikerij met ij, terwijl het eene verbastering van fr. chicorée is en dus ei zou eischen?
Het woord suikerij kan zeker langs het kanaal van het Fransch in onze taal zijn gekomen, en in dit geval pleit de Fransche vorm chicorée voor de spelling met ei (suikerei). Doch het Lat.-Grieksche cichorēum kan evengoed onmiddellijk door ons overgenomen zijn; en dit staat de ij voor. Immers de Latijnsche e, inzonderheid de lange, geeft bij ons ij; als in dozijn, middellat. docēnum; krijt, lat. Crēta; (hout)mijt, lat. mēta; tapijt, lat. tapētum; spijs, lat. spĕcies, e.a. Beide spellingen derhalve, suikerij zoowel als suikerei, zijn op zich zelve spraakkunstig goed; geene van tweeën kan eene taalfout genoemd worden. Er moest dus uit twee goede schrijfwijzen ééne worden gekozen; wat zou den doorslag geven? De wetenschap beslist hier niet; integen deel de Grieksche vormen: κιχόρια, κιχορία, κιχὸρεια en κιχώρη, en het Latijn, dat nevens cichorēum ook nog cichorium heeft aan te wijzen, maken de onzekerheid nog grooter. Het was dus natuurlijk, dat bij ons het gebruik vooral in aanmerking kwam. Dit nu heeft zich ontegenzeggelijk voor de ij verklaard, niettegenstaande Weiland suikerei schreef. Op alle pakjes, die gebrande
| | | |
cichorei-wortel bevatten, ook op zulke die afkomstig zijn uit fabrieken in streken, waar men ei en ij in de uitspraak onderscheidt, leest men: suikerij. Waarom zouden wij noodeloos en nutteloos, zonder in de taal zelve eenen steun te vinden, ons tegen dat algemeene gebruik verklaard hebben? Noodeloos, omdat de spelling met ij grammaticaal zeer goed te verdedigen is; nutteloos, omdat het woord door het schrijven met ei geen greintje duidelijker wordt. De uitspraak suikerij toch verschilt al te veel van cichorei, dan dat de identiteit der beide woorden door ei alleen in het licht kan gesteld worden; wie niet van elders weet, dat zij hetzelfde beteekenen, die zal het door de spelling suikerei wel niet leeren. Wilde men dat doel zoeken te bereiken, dan zou eene veel grootere verandering in het woord, b.v. de spelling: siekerei, noodig zijn, die wel geen ingang zou vinden, te minder omdat de betere, meer wetenschappelijke vorm cichorei insgelijks in gebruik is. Het volk, dat onbewust ook etymologizeert en classificeert, heeft het zoo verbasterde woord kennelijk gebracht tot eene bepaalde soort van woorden, die steeds met ij geschreven worden, t. w. tot de stofnamen (materialia) als: drogerij(en), eterij, kramerij(en), kruiderij, liefhebberij(en), peuzelarij, snoeperij, snorderij, snuisterij en dergelijke meer.
Wij vonden hier niets berispelijks, veeleer iets rationeels in en hebben daarom gemeend het gebruik te moeten eerbiedigen.
L.A.t.W.
|
|
|