De taal- en letterbode. Jaargang 5
Inhoudsopgave
De verbuiging van man in 't Gotisch
door H. Kern.
Tessel, oesel, wesel.
Graaf.
Verkleinwoorden op sa, sia.
Ekster, lobster.
Middelnederlandsche varia
door J. Verdam.
Schijnbare frequentatieven in het Nederlandsch,
door A. de Jager.
Pluksel.
Veluwsch (Uddelsch) taaleigen.
Eene aanteekening van A. Aarsen.
Boekaankondiging.
Over eenige vormen van 't werkwoord zijn in 't Germaansch.
Door H. Kern.
Sprokkelingen.
Door Eelco Verwijs.
Iets over tekstcritiek.
Door J. Verdam.
Verstooren.
Schijnbare frequentatieven in het Nederlandsch.
Door A. de Jager.
Epea pteroenta,
door W.L. van Helten.
Nog een woord over het ‘Vlaamsche gebraden peertjen’.
Ware en schijnbare frequentatieven,
door A.B. Cohen Stuart.
Boekbeoordeeling.
De grammatische vormen der Limburgsche Sermoenen.
Het Sliedrechtsch taaleigen
door K. van der Zijde.
Is moot = snee zalms, etc. verwant met 't Gothisch maitan?
Waard, woord, woerd; zwaard, zwoord, zwoerd.
Wodan.
Bomer en roemer.
Spook.
Middelnederlandsche varia,
door J. Verdam.
Veluwsch (Uddelsch) taaleigen.
Nog eene aanteekening van A. Aarsen.
Over stok, steen en steke, als eerste lid van een samengesteld adjectief.
Door W.L. van Helten.
Tekstcritiek op Sinte Amands leven
door Eelco Verwijs.
Middelnederlandsche varia
door J. Verdam.
Eenige der nieuwste spelveranderingen getoetst door A. de Jager.
Opmerking van P.J. Cosijn.
Epea pteroenta.
XXIX-XXX. Muts, mutsen.
Door W.L. van Helten.
De muts hebben, gemutst,
door Eelco Verwijs.
Bastaardwoorden met ver samengesteld
door J. te Winkel.
Het voornaamwoord - ghe .
Boekbeschouwing.
Woordregister.
Lijst der critisch behandelde plaatsen.
|