Tijdschrift voor Nederlandse Taal- en Letterkunde. Jaargang 37


auteur: [tijdschrift] Tijdschrift voor Nederlandse Taal en Letterkunde


bron: Tijdschrift voor Nederlandse Taal- en Letterkunde. Jaargang 37. E.J. Brill, Leiden 1918  


verantwoording

inhoudsopgave

doorzoek de hele tekst


downloads



DBNL vignet


 i.s.m. 
[p. 26]

Kleine mededeelingen.

73. Mnl. prose(n).

Franc. 7227. Ooc waren somege cardenale .... , die .... maecten van dien helegen wonden .... ymne, zanghe ende prosen, teerne den vercornen man.

Het Mnl. Wdb. zegt: ‘iets, dat in proza vervat is of opgesteld’ met de toevoeging: ‘hier in het mv. gebruikt’.

Nu is mlat. prosa1) (of mnl. prose) ook de naam voor een reeks van woorden, die gezongen werden op een jubelmelodie, volgens welke de a van alleluia aangehouden werd. En de uitdrukking is dus een synoniem van den mlat. term sequentia, die op zijn beurt weer teruggaat op den mgr. terminus technicus uit de muziek ἀϰολουϑία. (vgl. b.v. Riemanns Katechismus der Musikgeschichte 147, Musiklexicon i.v.).

 

Den Haag.

a. van herk.