[p. 189]
origineel
Dageraad
In mijn ziele wandlen schemeringen
En zware stilten wegen langs hun baan:
En 't is een nacht waar geene winden zingen,
Waar geene sterren in den hemel staan...
Mijn liefde wou daarin wat liedren hooren,
Wat bibbrend licht zien door dat roerloos zwart,
Iets met wat leven in die stilte storen
En driftig blij zijn als een lievend hart.
En zie! daar rijst gij nu in mijn gedachten
Als 't zuiver beeld van wat ik 't zoetste noem,
Als 't uchtend-worden na heel lange nachten.
En zie! daar staat gij nu - een zonnige bloem
Vol licht, vol liefde en lente en jeugdige krachten
En - op uw mond, het lied van uwen zoen!...
[p. 190]
origineel
Sonnet voor Vader
Toen Grootmoederken stierf
.
Ik hoor in mijn zielken, zoo zwaar en zoo hel,
Een klokke, die luidt over stervende zielen
En 't is of ik menschen ontwaar die er knielen...
De dooden... de dooden... die vliegen zoo snel!
Ik hoor in mijn zielken een daverend spel
Van orgels en weenende maagdekenszangen
'lijk stemmen die daavrend langs kerkbogen hangen
De dooden... de dooden... die vliegen zoo snel!
Ik wil niets meer zien en wil niets meer hooren;
Ik wil dat er vreê zij en stilte - als te voren;
Ik wil maar
mijn
denken,
mijn
stem en
mijn
woord,
Mijn harte bedriegen, en liegen, en liegen!
Die klokke en die orgels gaan schaterend voort:
De dooden... de dooden... die vliegen - die vliegen...
[p. 191]
origineel
Madrigal
Soms zijn er hemels wijd en hooge;
Zij hebben einde noch begin,
Maar eindeloozen vrede... Als in
Zoo'n hemels, kijk ik in uw oogen.
Soms zijn er andre wild-bewogen,
Waar wolken warrelen in den wind,
Waar woelend winden waaien, blind
Van woede en toorn... Als in uwe oogen,
Zoo kijk ik langs die hemels heen...
En valt de nacht alomme neêre,
Dan zijn er nog eens andre weêre;
Maar - blinkt een sterre of blinkt er geen,
Ik zie er in uw oogen een,
En 'k zie dat sterreken toch zoo geren...
Hermann Teirlinck
.