[p. 17]
Het beste vooruitzicht.
- Wijze: Ik heb reden om te klagen.
-
- ô Hoe treurig is dit leven,
- Voor 't gevoelig menschlijk hart,
- Dat met rampen is omgeven,
- Of gedrukt door zorg en smart.
- 'k Zie de boosheid triumpheeren,
- En de onnozelheid verdrukt.
- 'k Zie 't geweld het recht verkeeren
- En 't verraad zijn doel gelukt.
-
- Zou dan God hier niet opmerken?
- Zien zijne oogen 't onrecht niet?
- Kan Hij zijner handen werken,
- Hulp'loos laaten in 't verdriet?
- Waartoe dient mij dan 't vertrouwen,
- Op zijn goed en wijs beleid?
- Is 't vergeefsch op Hem te bouwen?
- Wech dan deugd en eerlijkheid.
-
[p. 18]
-
- Maar - wat zeg ik? neen, Gods oogen,
- Zien in 't binnenst van ons hart.
- En zijn teder mededoogen,
- Is getuige van mijn smart.
- Hij ontheft mij van mijn plaagen,
- Als 't mij nut en heilzaam is,
- En moet ik die blijven dragen,
- Eens is de uitkomst toch gewis.
-
- Als de dood, na zo veel lijden,
- Dit bouwvallig lichaam sloopt,
- Zal zich 't deugdzaam hart verblijden
- Dat op vaste gronden hoopt;
- God zal eens in 't ander leven,
- Richten in geregtigheid,
- En die hier getrouw was, geven
- Eindelooze Zaligheid.
-
- Ma.V.H.
|