Zeeusche Nachtegael


auteur: anoniem Zeeusche Nachtegael


editeur: P.J. Verkruijsse en P.J. Meertens


bron: P.J. Meertens en P.J. Verkruijsse (eds.), Zeeusche Nachtegael en bijgevoegd A. vande Venne Tafereel van Sinne-mal, Drukkerij Verhage & Zoon, Middelburg, 1982  


verantwoording

inhoudsopgave

doorzoek de hele tekst


downloads



DBNL vignet

Define matronas sectarier.

 
PLinius een schrijver oud
 
Seyd hoe dat de Koeckoeck stout
 
In eens anders voghels nest
 
Meermaal sijne eyers vest,
5
End' hoe dat een moeder vreemt
 
Sulcke voor de hare neemt.
 
In dees weereld slim, end' boos
 
Zijn oock vele Koeckoecks loos,
 
Die haar eyghen echt, end' trouw
10
Breken met eens anders vrouw,
 
Die de vruchten van haar lijf
 
Brenghen tot eens anders wijf,
 
Ghene Koeckoecks zijn in't woud,
 
Dese hem in steden houd,
15
Ghene vlieghen 's somers maar,
 
Dese vlieght het gantsche jaar,
 
Ghene roepen steeds koeckoeck,
 
Dese swijgt stil in een hoeck:
 
Die niet met dees Koeckoecks gaat
20
Is voorsichtigh in sijn daad,
 
Die dees Koeckoecks niet en quelt,
 
Is noch boven die ghestelt,
 
Die dees Koeckoecks niet en slacht
 
Heeft sijn lusten in sijn macht.