Beveren (Willem van), een zoon van den voorgaande, was geboren te Dordrecht den 12 November 1624 en overleed in 1672 ter reede van Texel, aan boord van een schip waarmede hij gereed was, als Gezant der Algemeene Staten, naar Spanje te vertrekken. Hij bekleedde, even als zijne voorzaten onderscheidene aanzienlijke ambten en wordt geprezen als ‘een man van uitstekende bekwaamheden en een ijverig bevorderaar der belangen zijner geboortestad 1.’
Zijne gedichten, van welke eenige in het Swart tooneel gordyn opgeschoven voor de gebroeders De Witt en het door Lydius verzameld Belgium gloriosum, in de Herstelde zegen triomf van Karel de tweede, en voor de werken zijner stadgenooten voorkomen, zijn slechts zeer middelmatig.
Als proeve deelen wij van hem mede de volgende Aanspraek van de Stad Dordrecht, op het heerlik exploict van den Heer Cornelis de Wit, uytgevoert op de Riviere de Theems en Rochester, ten tyde als syn Ed. Collonel en regeerend Burgemeester was, tevinden in het meergenoemde Swart Toneel-gordyn enz.