Oijen Az. (L. van) galmde zijne droefheid uit, in een bombastisch gedicht, getiteld: De Godgeleerdheid in rouw, bij het afsterven van den H. Gel. Heer G.J. Nahuys, waarvan de aanhef luidt:
Meer verdienstelijk is zijn dichtstukje de Morgenzon, in de Volksliedjes van de Maatschappij Tot Nut van 't Algemeen.
J.C.K.