Proeve van Kleine Gedigten voor Kinderen. [titelvignet: bloesemtak]. Te Utregt, bij de Wed. van Jan van Terveen, mdcclxxviii. kl. 8o (123 x 70 mm.); 32 pp.; ongeïllustreerd.
titel, verso motto van Salomo; Voorberigt (3-4); tekst van 24 gedichtjes (5-32).
= bnk 1406.
Vervolg der Kleine Gedigten voor Kinderen, van Mr. Hieronijmus van Alphen. [titelvignet: bloesemtak]. Te Utregt, bij de Wed. Jan van Terveen en Zoon, mdcclxxviii. kl. 8o (123 x 70 mm.); (iv), 33-64 pp.; ongeïllustreerd.
titel, verso motto; voorberigt van H. van Alphen, ondertekend in handschrift tegen nadruk door de Wed. J.v.Terveen en Zoon (2 ongen. pp.); tekst van 22 gedichtjes (33-64).
= bnk 1421.
Tweede Vervolg der Kleine Gedigten voor Kinderen, van Mr. Hieronijmus van Alphen [titelvignet: bloesemtak]. Te Utregt, Bij de Wed. Jan van Terveen en Zoon. mdcclxxxii. kl. 8o(123 x 70 mm.); (11), 65-104 pp.; ongeïllustreerd.
titel, verso blank; tekst van 20 gedichtjes (65-100); Lijst der Kleine Gedigten(101-104).
= bnk 1425.
Kleine Gedigten voor Kinderen, van Mr. Hieronijmus van Alphen. [titelvignet: medaillon met drie kinderfiguurtjes bij tuinvaas in arcadisch landschap door P.H. Jonxis naar Van Geelen]. Te Utregt bij de Wed. Jan van Terveen en Zoon, mdcclxxxvii. 12o (96 x 52 mm.). 104 pp.; ongeïllustreerd. Latere geautoriseerde uitgaven hebben als titelvignet drie kinderfiguurtjes, waarvan een, op de wolken zwevend, een lier in zijn hand houdt. Ook vindt men naderhand op het titelblad de spelvormen ‘Gedichten’ en ‘Utrecht’.
titel, verso blank; voorberigt (2 ongen. pp.); tekst van 66 gedichtjes (5-100); Lijst der Kleine Gedigten (101-104).
= bnk 1426.
Kleine Gedichten Voor Kinderen. [titelvignet: omkranste harp met hoorn van overvloed en zuil]. Te Utrecht, bij J.G. Van Terveen. mdcccxxi. 12o (96 x 57 mm.). viii, 5-104 pp.; met portret van Van Alphen in kopergravure door P. Velijn en 66 prentjes door Abraham Leon Zeelander.
voortitel, verso waarschuwing tegen nadruk; portret van H. van Alphen, verso blank; titel, verso blank; Voorberigt van de Uitgevers (iii-vi); Voorberigt [door Van Alphen], ondertekend in handschrift door J.G. van Terveen en Zoon (vii-viii); tekst van 66 gedichtjes (5-100); Lijst der Kleine Gedichten (101-104).