terug  begin  verderprepost
[p. 15]

III. De koncentraties

Het is over het algemeen in de burgerlijke literaire kringen de gewoonte om de fusiedrang, zoals die zich op het ogenblik in de uitgeverswereld openbaart te verklaren uit een agressieve winstpolitiek. Maar het karakter van deze ontwikkeling is eerder defensief. Voor het eerst wordt de boekenmarkt in de meest ruime zin in zijn geheel bedreigd door de ontwikkeling en de feitelijke toepassing van andere kommunikatie-technieken dan het gedrukte woord. De bedrijven worden gekonfronteerd met een konkurrentiefaktor die er voorheen niet was of niet in die mate.

Blijkbaar hebben de opgewonden literaire schrijvers in deze ontwikkeling een aanleiding gezien om de uitgevers als de meest storende faktor van hun pas verworven vakmanschap te bestrijden. Maar ook de koncentraties zijn over het algemeen het resultaat van een aanpassing aan de verschuivingen in de vraag. Wij moeten met betrekking tot de koncentraties niet spreken van een bedreiging van het schrijversinkomen door het gedrag van de uitgevers. Wij moeten spreken van een bedreiging van dit inkomen door een nieuwe konkurrentiepositie van het eigenlijke schrijversprodukt, het gedrukte woord.

Wat zijn de gevolgen van de koncentraties voor de hedendaagse literatuurproduktie? Om op die vraag een antwoord te kunnen geven is het in elk geval nodig om na te gaan in hoeverre de wijzigingen die deze koncentraties teweegbrengen in het materiële produktiesysteem van het boek de overwegingen van de uitgevers om literaire manuskripten al of niet te drukken beïnvloeden. Er zijn in hoofdzaak twee vormen van koncentraties in de uitgeverswereld. Ofwel kleine uitgevers die niet zelfstandig kunnen blijven voortbestaan fuseren en vormen samen een nieuwe grotere uitgeverij, ofwel zij worden opgenomen in een reeds bestaand groter bedrijf.

[p. 16]

Altijd dus is het resultaat een koncentratie van kapitaal en daarmee de noodzakelijkheid om meer boeken in grotere oplagen te drukken dan het geval was in elk der vroeger zelfstandige bedrijven afzonderlijk. In feite komt het er op neer dat steeds meer uitgevers op een in totaal steeds kleiner aantal bedrijven steeds meer geneigd zullen zijn om steeds minder manuskripten te aanvaarden die niet op een voorspelbaar redelijk grote verkoop kunnen rekenen. Van de eksklusieve literaire teksten zullen er steeds meer geweigerd worden en gegeven de noodzaak der uitgevers om een hoger minimum aantal titels te drukken vervangen worden door ander werk.

Blijkbaar zijn de gevolgen van de aanpassingen van de meest ruime boekenmarkt aan de verschuivingen in de meest ruime vraag naar boeken zoals die veroorzaakt worden door de opkomst van nieuwe onpersoonlijke kommunikatievormen voor de deelmarkt van het literaire boek in zijn geheel dezelfde als de gevolgen van de aanpassing van deze deelmarkt aan de verschuivingen in de vraag naar literaire boeken zoals die veroorzaakt worden door de literaire teksten van de burgerlijke schrijvers het zijn voor de nieuwe schrijvers. De deelmarkt van het literaire boek is in het grotere verband van het gedrukte woord in eenzelfde verhouding kwetsbaar. Maar ook nu is het werkelijk onjuist om het belang van alle literaire schrijvers gelijk te stellen aan een kollektief schrijversbelang. Zolang het inkomen van de literaire schrijvers bepaald wordt door een royaltiepercentage is er sprake van een zakelijke konkurrentieverhouding tussen de schrijvers onderling. Maar omdat de koncentraties noodzakelijk, dat wil zeggen inherent aan de wijzigingen in het materiële produktiesysteem, tot gevolg zullen hebben dat de eigenlijke literaire boekenmarkt ofwel kleiner wordt ofwel wordt aangevuld met tot literatuur

[p. 17]

verheven buitenliteraire teksten zal deze konkurrentieverhouding niet alleen scherper worden maar gericht scherper op de nieuwe schrijvers. Meer dan ooit zullen de literaire uitgevers hun keuze uit de hun aangeboden literaire teksten laten bepalen door hun verwachtingen omtrent de voorspelbare verkoop van elke tekst afzonderlijk. Zij zullen eerder oude, al verschenen en goed verkochte teksten herdrukken dan nieuwe publiceren. Maar van de nieuw aangeboden manuskripten zullen zij eerder de teksten aksepteren van de literaire schrijvers die al op een al of niet verminderde vraag kunnen rekenen dan die van de nieuwe schrijvers, die noch in nun naam, noch in hun literaire prestatie een aanwijzing bezitten voor een toekomstige verkoop. Altijd zal er een vraag ontstaan naar nieuwe schrijvers. Altijd ook zullen de uitgevers er ieder voor zich prat op blijven gaan dat zij het niet zijn die de zaak verpesten. Zij zullen nieuwe schrijvers zoeken. En zij zullen nieuwe schrijvers drukken. Maar het zullen er minder zijn dan voorheen. En het zullen er veel minder zijn dan andere schrijvers. En zij zullen hen onmiddellijk na eerste mislukte verkoop laten vallen. Zij zullen hun geen kans geven zich te ontwikkelen.

prepostterug  begin  verder