Heuiter, Pontus de * 23 augustus 1535 Delft; † 6 augustus 1602 Sint-Truiden, priester en geleerde, die een van de eerste voorstellen voor een spellingregeling van het Nederlands heeft ontworpen.
De Heuiter heeft na 1555 rechten gestudeerd in Parijs en is waarschijnlijk in 1567 tot priester gewijd. In 1572 was hij rentmeester van het kapittel van Gorinchem waar hij, na de inname van de stad, met een aantal geestelijken door de Watergeuzen gevangen is gezet. Zijn medegevangenen werden omgebracht (martelaren van Gorcum), hij ontliep dit lot, waarschijnlijk door zijn katholieke geloof af te zweren. Na te zijn ontsnapt is hij opnieuw als priester werkzaam geweest in de Noordelijke en de Zuidelijke Nederlanden, het laatst in Sint-Truiden. Hij heeft een aantal werken gepubliceerd, vooral op het terrein van de geschiedenis: Rerum Burgundicarum libri sex (1583-1584), Rerum Belgicarum libri quindecim (1598), De veterum ac sui saeculi Belgio, libri duo (1600), Historia secessionis Belgicæ (1649).
Zijn rondzwervingen door de verschillende Nederlandse gewesten hadden De Heuiter geconfronteerd met de verscheidenheid binnen de moedertaal. Wellicht hebben de contacten die de geleerde geestelijke bij de uitoefening van zijn ambt met het onderwijs heeft gehad, hem de problemen doen zien die de ‘gewone man’ had bij het schrijven van de moedertaal. Om een helpende hand te bieden heeft hij Nederduitse orthographie geschreven, ‘Manier houmen opreht [“correct”] Nederduits spellen ende schriven zal’. In dit boekje wordt de verfraaiïng en zuivering van de gesproken taal en verbetering van de spelling nagestreefd. Het is in 1581 bij Christoffel Plantijn in Antwerpen verschenen.
In tegenstelling tot Joas Lambrecht en Antonius Sexagius die eerder een dergelijk boek hadden vervaardigd en zich op een taalparticularistisch standpunt hadden gesteld, heeft De Heuiter een gesproken standaardtaal nagestreefd die boven de streektalen stond en opgebouwd was uit de (zijns inziens) fraaiste elementen daaruit, met name het Hollands en verder Brabants en Vlaams. De Heuiters schrijfwijze van het Nederlands was op die bovengewestelijke taal gebaseerd, die hij overigens niemand wenste op te dringen. Hij was een warm voorstander van een fonetische spelling waarbij gebruik werd gemaakt van zo weinig mogelijk lettertekens; nieu was daarom beter dan nieuw, vrouën beter dan vrouwen, noh beter dan noch, etc. Ook was De Heuiter een purist, die zich niet alleen keerde tegen het gebruik van leenwoorden uit het Frans zoals voorgangers ook hadden gedaan, maar ook tegen ontleningen aan het Duits.
In latere taalkundige werken die op het Nederlands betrekking hadden, is van De Heuiters boekje gebruik gemaakt. Zo zijn in de Twe-spraack vande Nederduitsche letterkunst (1584) ideeën uit Nederduitse orthographie aan- of bijgevallen (Dibbets 1985: 344-345), evenals in Jacob van der Schueres Nederduydsche Spellinge (1612) en Anthoni Smyters' Schryfkunstboeck (1613) (Dibbets 1968: 54-55), die overigens geen van allen De Heuiter hebben genoemd. In taalkundige werken van Christiaen van Heule (1625 en 1633), Richard Dafforne (1627), Samuel Ampzing (1628) en anderen is tot in de achttiende eeuw her en der gereageerd op De Heuiters spellingideeën (Dibbets 1968: 54-62).
G.R.W. Dibbets
[mei 2004]
| Nederduitse orthographie (1581). |
| Rerum Burgundicarum libri sex (1583 / 84). |
| Rerum Belgicarum libri quindecim (1598). |
| Dibbets, G.R.W.: Nederduitse orthographie van Pontus de Heuiter (1581); een inleiding. Assen, 1968. |
| Dibbets, G.R.W.: Pontus de Heuiter, Nederduitse orthographie. Uitgegeven, ingeleid en toegelicht. Groningen, 1972. |
| Dibbets, G.R.W.: Twe-spraack vande Nederduitsche letterkunst (1584), ingeleid, geïnterpreteerd, van kommentaar voorzien en uitgegeven. Assen-Maastricht, 1985. |
Er is geen De Heuiter-archief.
Er is geen brievencollectie De Heuiter.