Dat Bakhuizens medewerking aan De Gids zich niet enkel tot originele bijdragen of recensies bepaalde blijkt uit deze brief. De ‘Mengelingen’ eisten veel! Ten bewijze, hoe er onder hoge druk vertaald moest worden nog het volgende niet te dateren briefje: ‘Amicissime! Gisteren avond was ik reeds om half negen terug van - maar gij vermoedt het. Ik geloof dat het Eugenie begon te verveelen zoo dikwijls ruzie met haar man te hebben en dat zij daarom zeer koud speelde - Hoe het zij: ik had allen tijd om nog vier of vier en een halve bladzijde te vertalen. Zoo ik slechts een boek had. Ik wachtte op d'Israeli vergeefs. Ik zit er te gruwelijker in omdat Spin absoluut kopij wil en anders beloofde niet klaar te zullen zijn. Zend mij dus zoo spoedig mogelijk een boek. En ik zal à tort et à travers vertalen’. (U.B. A'dam Al 11 bc).
Amice!
Ik heb het gisteren zoo drok met vertalen gehad, dat ik niet in de gelegenheid
geweest ben bij u aan te komen. Derhalve is deze dienende om mij te informeren in hoeverre gij met uwe Catharina klaar zijt of klaar kunt komen.401
Ik schrijf dit opdat de jongen geene dwaze boodschap doe.
Ik heb niets tegen den afloop van Violante.402 Maar in het gesprek van Adolf en Erik zou ik gaarne een weinig tusschen beiden spreken. Het is al te duidelijk, dat de eerste het verliezen moet. - Eilieve wat worden de vrouwen op de bals en de casino's: doch daar vergeet [ik] dat gij gezegt hebt:
Vraag aan die school geen zedige jonkvrouwe
Geen moeder of enz.
Ik weet niet, waar gij eindelijk de andere helft van het menschelijke geslacht heenbrengen zult tenzij om boterhammen te smeeren en kousen te breijen. Allerminst bevredig ik mij met uw antediluviaansch-populatiesysteem, waarvoor gij de woorden van den grooten insteller der conscriptie aanhaalt.403 Doch over alles nader. Ik ben zoo edelmoedig u hiernevens Alph. Karr404 te zenden opdat gij daarin eenige grove uitvallen lezen kunt. Vale.
Violante breng ik heden terug
tt.
V.d. Brink