[p. 273]

11. Commentaar

Over Mevrouw Coutel kan slechts weinig gezegd worden, ondanks diverse speurtochten om meer over haar te achterhalen. 558   Op Kerstdag 1639 stuurde Anna Maria van Schurman haar met de brief een zelfportet cadeau, als een antidoron op een ontvangen geschenk. Mevrouw Coutel had zelf eerst een brief geschreven, maar een brief zo vol overdreven lof dat Van Schurman haar moest terechtwijzen. Mevrouw Coutel moet zelf ook een kunstzinnige en kunstlievende vrouw geweest zijn, en heeft, zoals ik uit deze brief afleid (Van Schurman praat over imiteren), het geschenk zelf gemaakt. 559  

Waarschijnlijk wordt er ook naar haar verwezen in een brief van Van Schurman aan Claudius Salmasius:

Porro cum negotium D.Coutel in tuas rationes non injuria referatur, ad te mitto hoc qualecunque penicilli nostri experimentum: quod eidem ut prima occasione transmittas vehementer rogo.
Nolim tamen existimes me in hoc artis Apellae certamen descendisse, ut ambitiose triumpharem: sed quoniam tuis velut auspiciis in hanc arenam protrahimur, obsequii magis, quam nostri honoris rationem habere volui. 560  
Verder omdat bericht wordt dat mevrouw Coutel de kwestie wat betreft uw mening niet als belediging ziet, stuur ik u dit kleine probeersel van mijn penseel: ik vraag u dringend om dit bij de eerste gelegenheid aan haar te overhandigen.
Toch zou ik niet willen dat u meent dat ik tot deze wedstrijd van Apellesiaanse kunst afgedaald ben om ijdel te triomferen. Maar aangezien wij als het ware onder uw auspiciën naar deze arena gedreven worden, wil ik dat wij ons meer door gehoorzaamheid dan door een eergevoel laten leiden.
 558  In Choosing the better part: Anna Maria van Schurman 1996 staat nog in de index bij haar naam: unknown.
 559  Van der Stighelen 1987:28.
 560  Opuscula 1652:187.


[p. 274]

Ook in dit stukje gaat het over een competitie in de kunst tussen mevrouw Coutel en Van Schurman, met Salmasius als instigator en mogelijk beoordelaar.