gelijke voet met haar, toch komen ze overeen in hun streven naar Wijsheid. Anne de Rohan zal als voorbeeld voor haar dienen als een schitterende ster in deze duistere, verdorven eeuw.
De volgende brief is een antwoordbrief van Anne de Rohan aan Anna Maria van Schurman uit 1643. De prinses is dan al 59 jaar oud, Van Schurman 36. Ook dit keer was Andreas Rivet de tussenpersoon geweest bij het bezorgen van de brieven. Het is een kort en krachtig briefje waarvan vooral het slot erg gevat is: Van Schurman is al zo afgerond dat Anne de Rohan haar niets kan geven, haar diensten niet kan aanbieden. (Hoe zou ze ook als meerdere in status?) Van Schurman moet slechts de herinnering koesteren aan een persoon in Frankrijk die dezelfde naam als zij draagt en die haar vereert zoals zij zich verplicht voelt en haar het geluk toewenst dat zij verdient.
De brieven vormen fraaie staaltjes van zeventiende-eeuwse epistolografie. Lovend, in onze ogen soms vleiend, een prachtige stijl, woordspelingen etc. De schrijfsters gaan een wedstrijd aan in bescheidenheid, zoals heel gewoon was in die tijd. Alweer komt de tussenpersoon van Rivet ter sprake. Ook al was het briefje van de prinses waarop Van Schurman nu reageert erg kort (3 zinnen), toch ziet ze in die brief de tekenen van vorstelijke gunst. Ook al zegt Anne de Rohan dat ze aan de correspondentie wil deelnemen, we kennen helaas niet meer brieven van haar hand aan Van Schurman. We weten dan ook niet of ze werkelijk als een voorbeeld van een geleerde vrouw voor Van Schurman gediend heeft.