74B: ‘beroep naar de Kaap’
[potloodaan tekening].
Beets zou later tot tweemaal toe (1852 en 1853)
door de Synode der Nederduitsche Hervormde Kerk van Kaap de Goede Hoop
worden beroepen tot hoogleraar aan het Theologogisch Seminarium te
Stellenbosch; hij ging er, zij het na enige aarzeling, niet op in. Zie:
G. van Rijn,
Nicolaas Beets
, deel II, pp. 200-213. Zie ook het gedicht ‘Aan
Nederland’ (1855), waarvan de derde strofe luidt: ‘Ik heb van 's
werelds end, / Van 't lieflijkst zuideroord, / Een lokstem: “Kom tot ons!”
gehoord; / Maar de ooren afgewend.’ (
Dichtwerken
III, Amsterdam 1876, p. 204).