terug  begin  verderprepost

Leiden, vrijdag 24 januari 1834

Leiden 24 Januari

De lezing van Walter Scott's ‘Abbot89 ook op het college van de Gelder voortgezet.

Theebezoek bij Prof Hamaker .90 Hij verhaalt mij veel van een Indisch drama met welks lectuur hij bezig is. Mijn verzoek voor alsnog van 't respondeeren91 op 't Hebreeuwsch verschoond te blijven, wordt mij, die te Haarlem geen de minste gelegenheid gehad heb, eenig onderricht in die taal te krijgen, en aan de Academie gekomen, nog beginnen moest met de letters te leeren, vriendelijk toegestaan.

[p. 37]


illustratie
10. Walter Scott (l771-1832).

[p. 38]

's Avonds in de Leidsche Maatschappij92 Mr. Jacobus Scheltema 93 gehoord over ‘De propriëteit der dingen’ van Bartholomeus den Engelschman , de oudste Encyclopaedie.94 Daarna den Heer Rau ,95 een vertaling van een stuk van Lamartine,96 zoo ongelukkig voorgedragen, dat ik over de waarde van zijn werk niet kan oordeelen.

89Walter Scott (1771-1832). Schots letterkundige, die vanaf 1820 in West-Europa grote bekendheid genoot door zijn historische romans. De roman Abbot verscheen in 1820.
90B: ‘Hamaker’ [potloodaantekening].
Hendrik Arent Hamaker (1789-1835). Hoogleraar in de Oosterse Talen 1817-1835. Hij woonde op de Hooglandse Kerkgracht 22.
91Respondeeren: antwoorden op tijdens het college door de hoogleraar gestelde vragen.
92De Maatschappij der Nederlandse Letterkunde te Leiden (opgericht in 1766), waar Nicolaas Beets in 1841 lid van werd, organiseerde regelmatig vergaderingen, waar ook niet-leden werden toegelaten. Deze vergadering vond plaats in de Stadsgehoorzaal op de Breestraat.
93Jacobus Scheltema (1767-1835). Geschiedkundige en advocaat.
94Zijn ‘Verhandeling over het werk van Bartholomeus den Engelschman, de Propriëteiten der dingen, gedrukt te Haarlem 1485, voornamentlijk in betrekking tot de Natuurkunde als wetenschap, in de vijftiende eeuw’, werd afgedrukt in zijn Geschied- en Letterkundig Mengelwerk 5, III, Utrecht 1834, pp. 1-53. Deze Bartholomaeus Anglicus († 1190-na 1250) was een geleerde monnik die een van de belangrijkste en meest verbreide encyclopedieën van de middeleeuwen schreef: De proprietatibus rerum. De Nederlandse vertaling door Jacob Bellaert, Van de proprieteyten der dingen, verscheen in 1485 te Haarlem.
95B: ‘Rau’ [potloodaantekening].
Sebald Jean Everard Rau (1801-1887). Student in de rechten te Leiden 1818-1825; volgde ook de colleges van Bilderdijk. Letterkundige en jurist (o.a. rechter te Nijmegen 1850-1859).
96Volgens de Handelingen van de Maatschappij (1834, p. 63) droeg Rau een vertaling voor van de vijftiende Méditation van Lamartine, voorafgegaan door een inleiding in proza over ‘die soort van gevoelige Dichtkunst’. Alphonse de Lamartine (1790-1869), een Frans romantisch dichter, die in deze periode, ook in Nederland, een enorme populariteit genoot, vooral vanwege zijn Méditations poétiques (1820).
prepostterug  begin  verder