terug  begin  verderprepost
[p. 46]

Leiden, woensdag 5 maart 1834

Leiden Woensdag 5 M t 1834

Vergad. der Rederijkers kamer voor Uiterlijke Welsprekendheid136 waar ik door den Praeses (Gewin) als Candidaat tot het Lidmaatschap word geinstalleerd.

Ik reciteer Hertog Richard van Tollens naar Southey137 en val mede.138

136De Rederijkerskamer voor Uiterlijke Welsprekendheid binnen Leiden, opgericht op 27 september 1833 ten huize van Bernard Gewin, Apothekersdijk 5, was een studentengezelschap dat zich toelegde op de voordracht van literair werk. Leden waren o.a. Beynen, Kneppelhout, Hasebroek en Gewin. Zij kwamen elke woensdag om de veertien dagen in het Heeren-Logement bijeen en werden door hun medestudenten de ‘Romantische Club’ genoemd, vanwege hun voorkeur voor Byron en Victor Hugo. Zie ‘De Rederijkerskamer voor Uiterlijke Welsprekendheid’ in Studentenleven van Klikspaan, en [L.R. Beynen], Lotgevallen der Rederijkerskamer voor Uiterlijke Welsprekendheid binnen Leyden, gedurende het tweede jaar van derzelver bestaan , Leiden 1835.
Reeds op 5 februari 1834 was door President Gewin en Secretaris Beynen de volgende verklaring opgesteld: ‘De Rederijkers Kamer voor Uiterlyke Welsprekendheid Verklaart tot Candidaat te hebben aangenomen, den Heer N. Beets, om by de eerstkomende vacatuur als lid te worden aangenomen.’ (UBL Ltk Beets vrl. nr. 35). Op 20 februari 1834 had Beynen aan Beets geschreven: ‘WelED Heer! Deze dient om UED te berigten, dat UED op onze laatste gewoone vergadering, gehouden op den 19 Feb. als Candidaat zijt aangenomen van de Rederijkerskamer, UED tevens verzoekende op onze eerstkomende buitengewoone vergadering te willen tegenwoordig zijn, welke gehouden zal worden op aanstaanden Zondag den 23 Feb. ten huize van den Heer Opzomer.’ (UBL Ltk Beets Correspondentie). Beets zal aan deze uitnodiging geen gehoor hebben gegeven, daar hij op deze dag te 's-Gravenhage verbleef.
137‘Hertog Richard’, in: H. Tollens Cz., Romancen, Balladen en Legenden , Tweede Stukje, Rotterdam 1819, pp. 17-24. Robert Southey (1774-1843), Engels dichter van grote vermaardheid. Hij was o.a. bevriend met Bilderdijk en verbleef in 1825 te Leiden in de woning van Bilderdijk.
138B: ‘[Leden Gewin, Beynen, Kneppelhout, Molewater, Sandifort, Opzoomer, Volck enz.]’
Jan Bastiaan Molewater (1813-1864). Student in de rechten, later ook in de natuurwetenschappen en de oude letteren; tenslotte gepromoveerd in de geneeskunde (1830-1840). Als student zeer gezien; door zijn welsprekendheid grote invloed. Vanaf 1848 geneesheerdirecteur te Rotterdam, waar hij ook het Wetenschappelijk Instituut en het Doofstommeninstituut oprichtte.
Christiaan Johannes Volck (1814-1848). Student in de rechten 1831-1840.
prepostterug  begin  verder